Circus
De column van Leo de Oude
7 oktober 2006 Leo de Oude
Circus
Luisteraars,
beste circusliefhebbers. Het wordt voor ons een leuk najaar. Dat kunnen we nu al zeggen. Troosteloze winderige dagen worden opgevrolijkt door een weken durende circusvoorstelling.
He, wacht even, hoe hebben we het nou, horen wij u denken. Het is toch gebeurd met het circus. Wilde dieren komen er niet meer in. Na Winschoten heeft Krimpen aan den IJssel besloten een eind te maken aan voorstellingen met wilde dieren. Winschoten en Krimpen aan den IJssel! Dan hoeven we elkaar toch niets meer te vertellen. Door alle gemeenten in Nederland worden Winschoten en Krimpen aan den IJssel gezien als frontrunners. Als die eenmaal iets besloten hebben volgt de rest vanzelf. Einde circus. Er komt geen wild beest meer ons goede vaderland binnen. Misschien een enkele beer als illegale asielzoeker. Kan ook een tijger of leeuw of olifant zijn. Krijgen we die te pakken dan worden ze zo het land uitgezet. Hebben ze geen paspoort bij zich, sluiten we ze op in het Kamp van Zeist.
U bent het er toch wel mee eens dat die arme dieren niet meer misbruikt worden voor flauwe kunstjes? Gaat u zichzelf maar na. Wanneer sprong u voor het laatst door een hoepel? Hoe vaak loopt u in rondjes achter andere mensen aan te sjokken om dan bij een fluitje om te keren en de andere kant op te dribbelen? Dat is toch allemaal mensonwaardig en daarom: dieronwaardig.
De vorige maand waren ze hier nog: vier Siberische tijgers, een giraffe, een kudde kamelen, aapjes en een zebra. Voor het laatst. Dat is nu voorbij.
Toch een beetje teleurstelling, want een circus zonder wilde dieren daar komen weinig mensen op af. Zo'n circus valt niet te exploiteren. Geen wilde dieren, geen clowns. U moet er maar van uit gaan dat het helemaal gedaan is met het circus. De tent bij de Tuyter blijft leeg. Er valt niets meer te lachen.
Maar let op. Want het Haagse management van ons Koninkrijk houdt de gemeenten wel in de gaten. In deze mooie tijden ziet het kabinet, samen met de oppositie, er op toe dat we niets te kort komen. Geen circus? Geen clowns? Dan zorgen ze er in Den Haag en omstreken voor dat we toch aan onze trekken komen.
Verleden week is het nationale circus losgebarsten. Eerst leek het er nog even op dat er toch nog wilde dieren in de tent waren. We hoorden schreeuwen: 'niet eerlijk..', 'onwaarheden…', 'hypocriet…'.
Die geluiden waren al snel verstomd. Dan begint de echte jolijt. Met ballonnen, slingers en confetti. Overal barst de muziek los. Geen wilde beesten dus, maar de piste vol met clowns. Die gaan tekeer. Het wordt echt leuk. De clowns buitelen over elkaar heen. Ze roepen de gekste dingen tegen elkaar. Soms lijkt het of ze ruzie met elkaar hebben. Dan klinken de stemmen heel boos. Clown A verwijt clown B dat hij er allemaal niets van begrijpt. Dat is wel waar, maar clown A weet ook niet goed waar hij het over heeft. Clown C zegt dat clown D niet kan rekenen. En zo gaat het maar door.
Ja, het is een voorstelling met veel ruzie. Maar laat u zich niet bedotten. Die ruzie dat spelen ze zo voor het 'hooggeëerd publiek.' Straks zitten ze achter de roodtrijpe gordijnen bij elkaar. Drinken een biertje. Dan hebben ze echt pret. Ze noemen elkaar titaantjes. Hebben de grootste lol. Omdat ze het 'hooggeëerd publiek' zo lekker voor de gek hebben gehouden.
Maar dat willen we toch ook. Laten we maar van het circus genieten. Tot 22 november. Dan is het gedaan met de pret. We kunnen ons nog zes weken plezier beleven aan al dat gedol. Die dwaze uitspraken. Ze zullen zeker nog steeds leuker worden. Zullen we een prijs uitloven voor de meest dwaze uitspraak?
Voorlopig staat met stip bovenaan: er komt een gouden eeuw voor Nederland.
7 oktober 2006
