Guldens
De column van Leo de Oude
21 oktober 2006 Leo de Oude
Guldens
Luisteraars,
bent u al aan het zoeken? Hebt u al gezocht? In de keukenla. In een oude portemonnee. Misschien wel een oude sok vol. Want nu moeten ze ingeleverd worden, die oude guldens. 'Volgend jaar zijn uw Nederlandse guldenmunten geen cent meer waard.' Zo waarschuwt het Haagse management via Postbus 51 ons.
Nu inleveren op het postkantoor – volgend jaar geen cent meer waard. Zou het waar zijn? Let u, voor u de raad van Postbus 51 opvolgt, even op het jaartal dat op de munten staat. Zo'n munt uit achttienhonderd zoveel kan een paar duizend euro waard zijn. Liefhebbers willen zulke munten graag van u kopen. Dat zijn de zeldzame exemplaren. Zelfs een gulden uit de vorige eeuw kan nog een paar honderd euro's scoren. Verzamelaars zijn nu eenmaal zo gek dat ze zulke prijzen betalen. U moet dus wel even opletten voor u de munten in het zakje doet.
De folder die bij dat inleverzakje zit is duidelijk. Het gaat alleen om munten die op 1 januari 2002 wettig betaalmiddel waren. Die moet je inleveren. Niet de zilveren guldens. En als je het wel doet? Je bent een beetje metaalmoe en je ziet niet het verschil tussen een vervuilde zilveren gulden en een nikkelen. Lever je zo'n dure in, dan ben je hem kwijt, waarschuwt de folder openhartig. Moet je maar niet zo dom zijn. Bijvangst heet zo iets. Dat kan voor de minister van financiën de kosten van deze hele operatie nog een beetje drukken. Dat inruilen is voor Den Haag al duur genoeg. Er zit voor miljoenen aan guldens onder de burgers van ons goede koninkrijk. Lekker laten zitten, zouden we zeggen. Geen slapende honden wakker maken. Maar nee, de minister en de Nederlandse Bank hebben voor de omruil geld gereserveerd en dat willen ze nu uitdelen. Maar waarom?
Sinterklaastijd? Verkiezingen in aantocht dus iets leuks doen voor de kiezertjes? Of een kwaad geweten?
Want hoe zat het ook alweer bij de invoering van de euro? Eerst vonden we het wel een beetje leuk. Het pilsje in onze stamkroeg kostte ineens dertig cent minder. Het was altijd 1.50 en nu maar 1.20. Bravo! Totdat we aan het eind van de maand merkten dat ons salaris met een nauwkeuriger rekenmachine was herberekend. Vervolgens stormen van protesten over alles wat bij nader inzien ineens wel erg duur was. Het Haagse management ontkende alles. We konden niet rekenen. We waren zo dom als Connexxion.
Verwijten vlogen over en weer. Er was niets aan de hand, stelde Den Haag. Maar de euro daalde in de eerste vijf jaar van zijn bestaan flink in populariteit.
Van zoiets wordt minister Zalm niet vrolijk. De ondankbaarheid van dat burgervolk voor wat hij gepresteerd heeft. Hij, die het volk uit het dal van de economische recessie heeft geleid naar de rozenvingerige dageraad van een nieuwe gouden eeuw. En dat volk maar mokken.
In gedachten ziet Zalm al die Nederlanders 's avonds rond de tafel zitten. Ze laten de oude guldens door hun vingers glijden en halen herinneringen op aan de tijd toen dat nog wettig betaalmiddel was. Hoe goedkoop alles was. Een goede sigaar voor twee cent. Tien eieren voor 2 ½ cent. Op een brief ging een postzegel van zes cent. Een schitterend kostuum voor twaalf gulden.
Kijk, moet Zalm gedacht hebben, dat sentimentele gedoe moet nu maar eens afgelopen zijn. Die verwijten over de euro werpen een smet op mijn blazoen. Uit zichzelf leveren die domme Nederlanders dat oude geld niet in. Dan moet er maar een stevige actie tegenaan. We zullen die guldens terugkrijgen. Stop de melancholie. Einde nostalgie. Ik verdwijn als minister (denkt Zalm), dan verdwijnen de guldens ook. Inleveren, die hap. Na mijn aftreden blijven alleen de pure euro's over. Op naar het postkantoor met de laatste munten van vorige eeuwen.
Luisteraars, u bent verstandig genoeg om te beoordelen of u aan deze roepstem gevolg moet geven. Maar denk eens aan de volgende mogelijkheid. Heel Nederland levert gedwee zijn guldens in. Die verdwijnen in smeltkroes. Alleen hier in Krimpen en Ouderkerk passen we. We doen niet mee.
Want, denk nog eens aan die verzamelaars. Over een jaar is nergens meer een gulden te vinden. De liefhebbersprijzen schieten omhoog. Hier en daar is nog een exemplaar te vinden. Nee, niet hier en daar, alleen hier. Hier in Krimpen en Ouderkerk.
Dan ontdekken we dat gulden afstamt van het woord goud.
21 oktober 2006
