Kerstmis
De column van Leo de Oude
23 december 2006 Leo de Oude
Kerstmis
Luisteraars,
Vandaag is het nog een drukke dag. Morgen is het lekker zondag, rustdag. Maandag: Eerste Kerstdag, Dinsdag: Tweede Kerstdag. Drie dagen achtereen waarop we niets hoeven. Alle vrijheid om te gaan en staan waar we willen. Om iets te doen of te luieren.
Misschien iets te optimistisch gesteld. Lichamelijk beperkingen en enige verplichtingen kunnen ons remmen in de vrijheid die we onszelf gunnen. Er moet tenslotte gegeten worden en we halen oma op omdat die anders zo alleen is. Ach ja, omaatje met Kerst. Maar voor de rest is het vrijheid blijheid, drie dagen lang.
Of is er nog iets anders? O ja, het is Kerstmis. Dat kunnen we moeilijk vergeten. Al weken lang zit de brievenbus vol met reclamedrukwerk met 'Kerst' als trefwoord. Dat wil zeggen: spullen inslaan voor een heerlijk diner, fantastische versiering voor in en aan en om het huis, lekker uit eten gaan, mooie cadeaus die onze liefde voor elkaar onderstrepen: sieraden, enorme t.v.-toestellen, de nieuwste mp3-speler. Leven in een wolk van welvaart en dennengeur. Dat is echt Kerstmis.
Of is er nog iets anders? Eén folder die in de bus viel ging niet over 'varkenshaas gevuld met een farce van cashewnoten en paddestoelen.' Of zoiets. Dat vouwblad vertelde eenvoudig hoe het allemaal begon. Met de tekst van het Lucas-evangelie. Lekker nog met een kribbe en geen voederbak. Met de herberg en geen nachtverblijf. Het doet er niet toe, in welke vertaling dan ook, iedereen kent dat verhaal toch wel.
Dat kan tegenvallen. Misschien heeft de commerciële Kerst de oorspronkelijke Kerst wel helemaal overwoekerd. Onze nationale bron van kennis, Van Dale's Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, is nog in evenwicht. Er zijn een heleboel woorden die beginnen met kerst. Tussen Kerstnacht en Kerstpacht staat zelfs Kerst-omaatje. Kerst-omaatje, staat dat er echt? O nee, nou zie ik het: Kers-tomaatje.
Bij Van Dale lijkt er in aantallen nog evenwicht te zijn tussen de profane Kerstwoorden en de christelijke Kerstwoorden. Kerstetalage, Kerstpakket en Kerstgratificatie tegenover Kerstboodschap, Kerstverhaal en Kerstmis. Maar het evenwicht tussen de commerciële Kerst en de religieuze Kerst dreigt verstoord te worden. De commerciële Kerst komt duidelijk genoeg op ons af. Maar waar blijft, buiten kerkelijke kringen, de oorspronkelijke Kerstmis?
Onderzoek onder jongeren geeft aan dat die nauwelijks nog weten waar het met Kerst over gaat. Dat simpele Kerstverhaal wordt niet meer verteld en dus niet meer gehoord. Dat kan je die jongeren niet kwalijk nemen. Wij vertellen dat verhaal niet meer. Niet vaak genoeg. Ach ja, ontkerkelijking, u weet wel. We hoeven niet zo nodig meer.
Maar het Kerstverhaal behoort ook tot de mix van ideeëngeschiedenis, cultureel erfgoed en algemene ontwikkeling. Je kan het kerstverhaal vertellen zonder evangelist te zijn. Het verhaal van Christus geboorte daar in Bethlehem is altijd de moeite waard.
Waarom zeg ik dit? Omdat mijzelf als kind het verhaal van het Kindje in de kribbe wel verteld is. Omdat ik er van genoten heb. Omdat dat verhaal uit mijn kindertijd elk jaar weer als een echo in mij doorklinkt. Rond deze dagen dat we steeds weer en steeds opnieuw hopen op de vrede op aarde.
Vertel het verhaal aan jongeren, zodat ze weten dat Kerstmis meer is dan het kerstdiner en de kerstcadeaus. En als ze dat weten laat ze dan hun keuze maken of ze met het verhaal verder willen of dat ze het als interessant cultureel gegeven opvatten. Voor jezelf beslissen in vrijheid, dat is toch het mooiste.
Luisteraars, ik wens u een goede Kerstmis.
23 december 2006
