Koude Oorlog
De column van Leo de Oude
3 maart 2007 Leo de Oude
Koude Oorlog
Luisteraars,
ieder jaar opnieuw lijkt Oostenrijk gedurende een paar weken een Nederlandse kolonie. In alle wintersportplaatsen zie je landgenoten gemoedelijk door bossen, langs riviertjes en door dalen langlaufen, terwijl onverschrokken skiërs zich langs een zwarte piste naar beneden storten. De autochtonen zien, ondanks alle onrust, het welgevallig aan want ze denken aan het materiële resultaat ervan. Het is een harmonieus beeld van gelukkige mensen - al is dat geluk uiteenlopend gemotiveerd.
Toch dreigt deze lieflijke ontmoeting van twee volken te worden verstoord. In de eerste plaats is daar de onstuimig stijgende temperatuur die de sneeuw in de dalen direct doet smelten en elk jaar centimeters van de gletschers afknabbelt. Daarover is al genoeg gezegd.
De tweede bedreiging is veel ernstiger: de Russen komen!
Wat zegt u? De Russen?
Jawel, hebt u dat niet gelezen? Het heeft in alle kranten gestaan. Rijk geworden Russen willen zich nu ook wel eens op westerse manier vermaken. Daarvoor trekken ze naar het westen en het eerste land dat ze dan tegenkomen is Oostenrijk. Ze kunnen zich financieel wat permitteren en beginnen maar eens met de wintersport. En waarom ook niet. Een vreedzame ontmoeting van burgers uit verschillende landen is goed voor de wereldvrede. Maar dat is schone schijn. Daarover worden we ook door kranten ingelicht.
De Russen zijn geen welopgevoede toeristen. Allerminst. Ze vermaken zich minder met de pure sneeuw dan met de pure Obstler. Uitbundig laten ze het alcoholpromillage in hun bloed stijgen tot recordhoogten. Dat gaat gepaard met geschreeuw en gebonk. Brullend zingen ze onverstaanbare liederen die op geen enkele wijze herinneren aan die prachtige gezangen van orthodoxe kerkkoren, waar we allemaal wel een cd-tje van in huis hebben. De atmosfeer wordt vergiftigd door de dikke rook van sigaretten en vooral sigaren.
U begrijpt dat dit gedrag tot conflicten moet leiden met de Nederlandse wintersporters. Het contrast kan niet groter zijn. Aan onze kant is het roken toch praktisch van de baan; zeker bij sportbeoefenaren. Mag er dan al eens iemand zijn die een klein glaasje drinkt, bij meerderheid zijn wij Nederlanders geheelonthouders. Ons zangtalent komt veel zuiverder tot zijn recht in prachtige liederen als 'In 't groene dal, in 't stille dal, waar duizend bloempjes bloeien…' of 'Altijd is Kortjakje ziek'. Ik wil niemand de schuld geven, maar het is duidelijk dat dit niet lang goed kan gaan. Heel voorzichtig geformuleerd: hier dreigt een nieuwe koude oorlog.
Zo rond 1990 sloten we de tijd van de koude oorlog opgelucht af. Toen konden we pas voluit lachen om zo'n grapje als:
Weet jij het verschil tussen een optimist en een pessimist? Nee? Een optimist leert Russisch, een pessimist Chinees. Galgenhumor waar we gelukkig geen weet meer van hebben.
Maar nu? Wat ik vertel over de Russische invasie van wintersporters in Oostenrijk haalde ik uit de Nederlandse dagbladpers. Is het werkelijk zo erg? Ik vind dat u recht hebt op observaties uit de eerste hand. Daarom ben ik direct zelf naar een gerenommeerde wintersportplaats afgereisd. Wat zie ik daar?
Inderdaad, geen sneeuw in de dalen. Alsmaar zon. Schitterend wandelweer. Erg veel Nederlanders, een paar Duitsers, Engelsen en Denen. Een enkele Belg. Maar Russen?
Ik span me in om iets van gesprekken op te vangen. Vooral Nederlands. 'Hai, kaik uit waar je loop.' Ik hoor of zie geen Rus. Ik ga met uitsluitend geruststellende berichten naar huis. Bij een boekwinkel bekijk ik de tijdschriften en krantenstelling. Daar liggen ze, de parels van de Nederlandse journalistiek. Privé, Telegraaf, Panorama. Half Europa doorgesleurd om de vakantieganger toch maar niets in zijn nationale gevoelens tekort te laten komen. Tevreden laat ik mijn blik dwalen over al dat moois. Maar dan verstijf ik. Daar staan al die vreemde letters, die ik mij herinner van de cursus Russisch uit de tijd van de koude oorlog. Ja, inderdaad, daar ligt doodgemoedereerd de Idzvestia naast een onschuldig krantje als het Algemeen Dagblad. Even denk ik, dit is niet waar, een zinsbegoocheling.
Maar het is waar. Gelijk concludeer ik: waar een Russische krant voorhanden is, daar moeten ook Russen zijn. Die zouden die krant komen kopen. Ik trek mij terug achter een Mariabeeld, dat mijn slanke gestalte aan het zicht van voorbijgangers onttrekt. Zou er een Rus komen om de Idzvestia te kopen? Er gebeurt niets. Het lijkt wel een toneelstuk. Niemand komt langs en ik sta daar maar. Ineens denk ik aan die prachtige, langdurende Russische toneelstukken, waarin helemaal niets gebeurt. Verveling is in die stukken de belangrijkst doodsoorzaak.
Ik verveel me ondertussen ook zo dat ik als levensreddende operatie toch maar doorloop. Zo snel mogelijk een Rasthaus in voor heisse Chokolat mit Schlagsahne. De Kneipe zit al direct op de volgende hoek van de straat.
Terwijl ik mijn hand al naar de deurknop uitstrek word ik opnieuw naar de keel gegrepen. Want daar staat met grote letters op een reclamebord:
[ minjoe na roeskom jazik oe nash v restaran ]
Voor degenen die in de tijd van de koude oorlog te pessimistisch waren om Russisch te leren, wil ik dit vertalen: 'In ons restaurant hebben wij een menu in de Russische taal.'
Dat doet de deur dicht! Of juist open, want nu ben ik pas goed nieuwsgierig. Het zit binnen natuurlijk vol met Russen. Deur open. Binnen zit een kelner in de verder lege zaal. Chocolademelk? Komt er aan.
'Komen er veel Russen in deze zaak?' ' Nog geen een gezien. We hebben een kapitaal uitgegeven aan het vertalen van het menu, maar niemand vraagt er naar.'
Hoe moeten wij dit nu beoordelen? Warme winter? Ja! Koude oorlog? Niets van gemerkt. Maar toch…
Meneer Balkenende, u zal als nieuwe minister-president al gauw weer eens aanschuiven bij het ontbijt van uw Amerikaanse collega. Tijdens het pellen van een eitje kunt u de zaak toch eens opnemen met meneer Bush. Nee, niet direct beginnen over de as van het kwaad. Koude oorlog is ook een te beladen begrip Maar al die Russen. Het zijn er zoveel. 150 miljoen. En we staan al zo lang in de rij voor de skilift.
3 maart 2007
