Melk

De column van Leo de Oude

14 april 2007 Leo de Oude

Melk

Luisteraars,

doorgaans vertel ik u iets wat ik verzonnen heb. Daar word ik immers voor betaald. Vandaag krijgt u echter een waar gebeurd verhaal. Zelf speel ik daarin de hoofdrol. Is dat niet een beetje arrogant? Nee, integendeel. Het is een verhaal, waar ik me voor schaam. Maar het moet maar eens verteld worden.

Het verhaal speelt in een nieuwbouwflat, ergens in een naburige stad. De bewoners van de flat kunnen het aardig met elkaar vinden. Voor de meesten is het hun eerste huis na moeizame jaren van inwoning.Tevreden over wat ze nu hebben. Ze groeten elkaar in de hal, op de galerij en in de winkels. Op straatniveau zit in het gebouw een kapper, café-restaurant, bloemenwinkel, piano- en orgelzaak, gereedschapswinkel en, gelukkig, een supermarkt. Daar treffen bewoners elkaar, maken een praatje, wisselen nieuwtjes uit. Eigenlijk is zo'n flatgebouw een klein, verticaal dorp. De huismeester speelt voor burgemeester, veldwachter en vuilnisman tegelijk. De hal, trappen en galerijen vormen zijn domein. Hij is het loket voor klachten over het gebouw, plakt huisregels aan, roept lastige kinderen tot de orde. Voor een pakje shag doet hij een privé-klusje in huis.

Wij wonen er een paar jaar als gezinsuitbreiding verandering in de gebruikelijke werkverdeling teweeg brengt. Als regel kom ik hooguit in de supermarkt voor een enkele boodschap, iets wat vergeten is of nog even moet worden aangevuld. De echte gezinsinkopen doet mijn vrouw. Maar nu met een baby er bij is het redelijk dat ik op zaterdag de boodschappenbeurt voor mijn rekening neem.

Ik weet de weg in de winkel. Die is overzichtelijk ingedeeld. Voldoende personeel om even te helpen. De slager heeft een eigen, afgeschoten gedeelte. De drogisterij draait onder een gediplomeerde drogist. Mijn boodschappenlijstje is volgens een logische route opgesteld. Eerst brood, banket en vlees. Dan is daar de koeling met melkproducten.

Na de losse melk en na de glazen melkflessen is er nu melk in een plastic pak - of zak, hoe noem je dat. Licht van gewicht. Gemakkelijk stapelbaar in de koelkast. Het lijkt ongelooflijk dat de witte vloeistof zomaar in een plastic huls kan worden verpakt. Maar het is dan ook heel stevig plastic. Aan beide einden gesealed. Voor het gebruik thuis zijn er speciale kannen met een v-vormige tuit. Het pak gaat er in zijn geheel in, puntje bij de tuit schuin afknippen en schenken maar. Zak leeg? Weggooien! Geen afwas. Kijk, dat is nou echt innovatie.

Ik heb deze keer maar één pak melk nodig. Het ligt koel in de hand, soepel als een waterbed. Dan in het winkelwagentje dat even later wordt uitgepakt bij de kassa. Vlug, zo weer naar huis. Het meisje bij de kassa kent alle prijzen uit haar hoofd en werkt vlot door. De melk als laatste. Het pak ziet er nu nog fraaier uit met een fijn patroon van condensdruppeltjes.

Over hoe je iets (een beetje week, een beetje nat) moet oppakken denk je niet na - totdat je merkt dat je er wel over had moeten nadenken – maar dan ligt het supergladde pak al op de grond. Ja, dat plastic is wel erg sterk. Door de klap is er geen scheurtje ingekomen. Lasnaden zijn minder stevig en als ze eenmaal openscheuren dan doen ze dat ruimhartig. De melkzak ligt plat op de winkelvloer. Een liter melk geeft een enorme plas.

'O, sorry,' zeg ik verschrikt en denk aan dweilen. Hoe doe ik dat? Natuurlijk hebben ze in de winkel daar wat voor. Maar waar? Of moet ik boven in m'n eigen huis iets gaan halen? Wat kan ik nu direct even gebruiken om de stroom in te dammen?

Het meisje achter de kassa is zo vriendelijk. 'Laat u maar, we ruimen het wel op. Haalt u maar een nieuw pak,' zegt ze. Ik hoor gelukkig een duidelijke p in het laatste woord. Een mooi aanbod. Ik ben al weg. Herwin m'n zelfvertrouwen, beweeg me vlot naar de koelkist en weet op de terugweg al een smile te produceren in de sfeer van niets-aan-de-hand-maar-dankbaar. De melkplas zorgt er voor dat niemand anders zich voor de kassa heeft opgesteld. Ik ben de enige die last zal hebben van het melkerige pad. Maar met een vlotte beweging zeil ik er wel langs.

Iets te vlot. Bijna ga ik onderuit. Een kleine correctie herstelt mijn evenwicht. Stel je voor dat ik ook nog eens zelf in die melkplas duikel!

Het tweede pak is inmiddels ook in condens gehuld en net zo glad als het vorige. Terwijl ik zo soepel mijn evenwicht herstel vergeet ik even mijn grip op het gladde pak te controleren. Onvermijdelijk voegt het zich bij zijn voorganger op de vloer.

Twee liter melk geeft wel een heel grote plas. Schaamte in haar heftigste vorm. Wat kan ik nu nog doen? Welke woorden horen bij zo'n situatie? Ik kom niet verder dan dezelfde tekst als bij de eerste keer: 'O, sorry.'

Het meisje blijft onverstoorbaar vriendelijk, maar varieert háár tekst een beetje: 'Laat u maar, we ruimen het wel op. Ik haal wel een nieuw pak voor u.'

Luisteraars, die pakken melk, die bestaan niet meer – gelukkig.

14 april 2007