Presidenten
De column van Huib Neven
12 januari 2008 Huib Neven
De gekte van de Amerikaanse presidentsverkiezingen is weer los gebarsten. Kandidaten reizen van hot naar her. Tonen ineens belangstelling voor Jan in de straat en Mien achter de aanrecht. Ze bezoeken scholen, schudden handen, delen handtekeningen uit en strijken kinderen over de bol. Ze zijn vrolijk en optimistisch en beloven van alles, wat hun mededinger in de verkiezingsstrijd nooit kan waarmaken.
Ze willen vooral laten zien hoe gewoon ze zijn. Intussen kost dat gewoon zijn miljoenen dollars waarvoor het niet moeilijk moet zijn een betere bestemming te vinden.
Ik word altijd een beetje kribbig van dat vertoon. Niet alleen omdat ik geen verstand heb van politiek of die exorbitante geldverspilling vreselijk vind, maar ook omdat we met z’n allen accepteren dat het in zo’n verkiezingscircus niet over de inhoud gaat. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat de kandidaten tijdens het campagnevoeren bezig zijn met de echte vragen, zoals: hoe stop ik de ellende in Irak? Hoe staat het nu in New Orleans na Katrina? Nee, de enige vraag is: Hoe zorg ik ervoor dat ik aan de macht kom?
Je vraagt je af wat iemand beweegt om alles op te offeren om het centrum van die macht te bereiken? Vaak op een leeftijd dat je met je kleinkinderen naar de speeltuin kan. Ik kan me niet voorstellen dat dat alleen is om het lot van de wereld te verbeteren.
Eigenlijk geloof ik niet zo in mens- en vredelievende presidenten. Als ze al eens iets voor de wereldvrede betekenen is het om eigen macht en aanzien veilig te stellen. Busch die met zijn onzekerheid verhullende machogang door het Midden Oosten stapt om nog iets te maken van zijn laatste jaar presidentschap… de Venezolaanse president Chavez die met schaamteloos martiaal vertoon het opneemt voor gijzelaars, alleen om zijn Colombiaanse collega af te troeven.
Nee, als het om vredebrengers gaat moet je bij die Israëlische en Palestijnse vaders zijn die deze week in Nova waren. De Palestijn verloor een dochter door een Israëlische kogel en de Israëlier betreurde een dochter door Palestijns geweld. Ze besloten zich niet door haat te laten overweldigen, (wat het meest voor de hand lag), maar ze besloten te verbroederen tot een innige vriendschap. Dat is ze de enige manier om aan een vredige samenleving te bouwen, zo vonden zij.
Intussen moet de wereld natuurlijk wel geregeerd worden en moeten er bestuurders gekozen worden. Maar wie kiezen we en vooral op grond waarvan? Een paar tranen van Hillary zijn genoeg om alle analisten en opiniepeilers het nakijken te geven. Een vlotte babbelaar met aansprekende one-liners doet de kiezer al gauw van zijn politieke geloof afvallen. En natuurlijk spelen de kandidaten daarop in. Populisme in de letterlijke betekenis van het woord.
De Franse president kan er trouwens ook wat van.
In de afgelopen week werd de voorpagina van mijn krant gesierd door een drietal foto’s van Nicolas Sarkozy. Keurig in het pak, zoals het een president betaamt. Zijn stropdas had hij net iets vaster kunnen aantrekken, maar misschien moet er onder de knoop van de das wel een stukje overhemdboord zichtbaar blijven. Hij weet tenslotte met zijn beschavingsoffensief meer over de etiquette dan ik.
Achter hem de Franse en Europese vlag. Want vergis je niet, hier staat wel een van de groten der aarde!
Met theatrale handgebaren en een onschuldige glimlach als van Stan Laural die zijn maatje weer eens een streek heeft geleverd, weet hij de lachers op zijn hand te krijgen en journalisten het zwijgen op te leggen. En waar gaat het over? Jawel, over zijn nieuwe vlam, met wie hij in Disneyland en Egypte goede sier maakt en met wie hij zijn derde huwelijk wel in zal stappen.
En de media happen gretig toe. En wij vergapen ons.
Vooruit, nog een president: Poetin. Over de capriolen die hij uithaalt om aan de macht te blijven, wil ik het al helemaal niet hebben. Veel te ingewikkeld voor mij.
Nee, presidenten, ik heb het er niet zo op.
Geef mij dan toch maar de wat nuchtere Hollandse politieke degelijkheid. Hoewel onze mannetjes en vrouwtjes in verkiezingstijd ook steeds minder het showelement schuwen.
Tenslotte nog even over Amerika. Want ik kan wil gaan zitten narren, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het daar wel om democratische verkiezingen gaat en daar is een groot deel van de wereld helaas nog niet aan toe.
Als u nou toch mijn mening vraagt: ik hoop wel dat een van de democraten Hillary Clinton of Barack Obama uiteindelijk de presidentverkiezing winnen. Niet alleen omdat ik het aardig vind dat of een vrouw of een kleurling voor het eerst in de geschiedenis president wordt (dat zeker ook), maar vooral omdat ik uitgekeken ben op George Busch, op wie ik overigens nooit ingekeken was.
Na dit verhaal is één ding zeker: De LOK zal mij nooit als politiek commentator vragen.
