Amusement
De column van Leo de Oude
6 december 2008 Leo de Oude
Amusement
Luisteraars,
"Amusement", staat boven de tekst die voor mij ligt. Amusement, waar hebben we het dan over? Als je iets nauwkeurig wilt uitduiden, dan pakken we het Nieuw Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, in de wandeling Van Dale genoemd. Ja, dat deden we om een woord precies te definiëren. Maar nu slaan we een paar toetsen aan op de computer en daar verschijnen de synoniemen van het woord waar we mee bezig zijn. Als echte Europeanen beginnen we met een engels woord: entertainment, dan in het Nederlands plezier, vervolgens Frans variété, om te eindigen met allemaal Nederlandse woorden: vermaak, verpozing, verstrooiing en vertier. Ja, ja die Nederlanders, die hebben heel wat amusement in hun woordenschat.
Gelachen hebben we nog niet en dat is ook passend. Vanochtend wil ik het hebben over de dood. Niet direct een amusant onderwerp, maar wel iets van alle dag. Zo vanzelfsprekend als het leven is, is het einde ervan, de dood. Wat we er ook van vinden, vroeg of laat wordt er een punt gezet achter dit aardse leven. Liever laat dan vroeg, zullen de meesten van ons denken. Liever laat, want de dood op hoge leeftijd komt ons het meest natuurlijk voor. Die is altijd nog het beste aanvaardbaar.
Maar ziekten kunnen het levenspatroon verstoren. Dan gebeurt het dat, in ons idee, een leven nog niet voltooid is als de dood nadert. Moeilijker nog is het te aanvaarden als geweld een leven afsnijdt. Het motorisch geweld eist alleen al in Nederland achthonderd slachtoffers per jaar die de dood vinden in het verkeer.
En dan de slachtoffers van crimineel geweld. Steeds weer worden we opgeschrikt door berichten in krant, op t.v. of radio. Meestal ver weg (alsof het dan minder erg is), vaak ook dichterbij. Moord en doodslag zijn nog niet aan de orde van de dag, maar veel te vaak worden we – meestal via de media – geconfronteerd met crimineel geweld dat de dood van een onschuldige ten gevolge heeft. We zijn ontzet. Het is vreselijk.We raken er nooit aan gewend.
Hoewel. Wie geregeld televisie kijkt verwacht eigenlijk niets anders. De nieuwsjournaals brengen het geweld van de hele wereld in de huiskamer. Daar kunnen we onze ogen en oren niet voor sluiten. Dat moeten we ook niet doen om te weten in wat voor wereld we leven. Met die steeds weer gruwelijke werkelijkheid moeten we leven.
Maar naast de werkelijkheid staat de fictie, de verbeelding, de film die ons voortdurend en eindeloos confronteert met de gewelddadige dood. Kijkt u eens in uw radiobode en tel eens op hoeveel tv-programma's moord of doodslag als uitgangspunt hebben. Aantrekkelijk verpakt in een spannend verhaal. Krijgen ze de dader? Is de politieagent slim genoeg om de dader te pakken? Veel rechtszaken op de tv. Krijgt de aanklager het bewijs rond? Het is allemaal smullen. Spanning, dat willen we en dat krijgen we.
Het zijn maar verhaaltjes. Je hoeft niet te denken dat het echt zo gebeurd is. Die meneer die daar ligt is niet dood, hij doet maar alsof. Het bloed dat op de plaats van zijn hart zijn hemd rood kleurt kwam daar uit een kokertje met kleurstof, dat brak toen u een knal hoorde. Het lijkt net echt, maar dat is het niet.Voor net echt hebben we andere maatstaven dan voor een echte moord. Er meldt zich geen politie bij de studio waarvandaan de film wordt uitgezonden. Ja, toe nou, ze zijn wel wijzer. Wij ook!
Hoe wijs zijn we eigenlijk? Dat we het verschil weten tussen een echte moord en een film of toneelstuk met een gefantaseerde moord? Dat we het eerste heel erg vinden en het tweede wel aardig. We kijken er toch vrijwillig naar? We mogen toch wel wat verstrooiing, verpozing, amusement hebben? Het goed tegen het kwaad. Het goed wint (meestal), dus moreel is er dan niets op aan te merken. Zo'n film draagt een positieve boodschap uit. Na misdaad komt de straf. Daar mag je je toch wel mee vermaken?
De gewelddadige dood als amusement. Misschien hebt u het al begrepen. Ik ben er volstrekt tegen. Ik ken de argumenten waarmee dit ordinaire spel wordt verdedigd.
Ik ben tegen. Steeds weer opnieuw, de slachtoffers. Het geweld. Het misdrijf in beeld. Leerzaam voor een criminele carrière. Daar ben ik tegen.
Ik ben al vele jaren tegen deze confronterende vertoningen, maar ik heb nooit de hoop gehad dat deze ontwikkeling zou worden geremd. Het wordt alleen maar meer.
Maar gelukkig, nu hebben we een regering die veel actiever optreedt ten gunste van onze lichamelijke en geestelijke gezondheid. Niet roken, geen paddo's, porno bestrijden, geen drank in sportcantines en het gezin in een warme deken van zorgzaamheid ingepakt. Soms denk ik: het kan wel een beetje minder. Maar het crimineel geweld op de tv zou veel minder moeten.
Moord en doodslag, de gewelddadige dood als amusement als amusement. Schei toch uit.
6 december 2008
