Zij kwamen van het zuiden

De column van Lourens Portasse

20 juni 2015 Lourens Portasse

Zij komen uit het Zuiden en van Afrika en uit het Oosten.
Verjaagd door de honger, de politiek, het geweld.
Zij hadden gehoord van de Noordelijke landen.
Waar je kunt leven en sparen.

Waar je kunt denken naar het eigen verstand.
En misschien een simpele welstand vergaren.
Ze komen naar hier door de corrupte gebruiken
In Nederland gaat het wat soberder dan gewend, ook door corrupte gebruiken.

Maar ze komen toch naar ons. Laat ons van hen geen vreemden maken.
Geef de vluchtelingen, landverhuizers en hongerigen niet de schuld van ons ongemak.
Ze beginnen nu ook onze havens te verstoppen.
Ze beginnen nu ook aan onze stranden aan te spoelen.

Soms bekruipt me het gevoel dat “ze het eindelijk komen halen”.
Omdat wij nooit wilden delen, komen ze het halen.
De mensen uit het Zuiden en van Afrika en uit het Oosten.
We willen onze rijkdom niet eens delen met de mede Europeanen in Griekenland.

Dus we gaan het zeker niet delen het zeker niet met mensen uit het Zuiden en van Afrika en uit het Oosten. Het lijkt allemaal zo actueel. Zo nieuw. Zo plotseling. Maar op 16 november 1972 ging in de Koninklijke Muntschouwburg in Brussel de voorstelling
“Mistero Buffo” in première, waaruit grote delen van de tekst die u net hoorde afkomstig zijn.

Ja, ook toen al kwamen de ze het halen. Ook toen al probeerden we het niet ons probleem te laten zijn. Ook toen al wilden we niet echt of wilden we echt niet. De geschiedenis herhaalt zich. We leren het blijkbaar nooit. Mistero Buffo gespeeld en gezongen door de Internationale Nieuwe Scene. Wannes van de Velde schreef de muziek en tekst. Dario Fo het scenario. Arturo Corso deed de regie. Al in 1972, 43 jaar geleden.

Wees blij dat ze nu weer onze kant op komen. Want stel je voor dat we op hun kusten begonnen aan te spoelen.

Lourens Portasse

Hierbij de complete tekst van een van de liederen uit Mistero Buffo:

Zij kwamen uit het zuiden
Wannes van de Velde (1972)

Ze kwamen van 't zuiden en van den Afrique
Om hier aan wa brood te geraken
Verjaagd door den honger, bespot door een kliek
Die niks mè hun lot hè te maken

Z' hadden zoveel gehoord van da noordelijk land
Waar da ge kunt leven en sparen
Waar da ge kunt denken naar eigen verstand
En ne simpele welstand vergaren

We noemden ze gasten, dat is officiëel
Maar iedereen ziet da ni zitten
Der zijn primitieven die continuëel
Op die gasten gaan vloeken en vitten

Want gaat èt hier slecht mè ons economie
Door schuld van corrupte gebruiken
De slaven die geven de slaven de schuld
En willen de Turken buiten

Ze kwamen van 't zuiden en van den Afrique
Om hier aan een job te geraken
't Zijn just zo'n proleten lijk gij en lijk ik
Laat ons er geen vreemden van maken

En geeft ze geen schuld voor de werklozenschaal
Omdat ge het èt horen vertellen
Maar gaat er mee klappen, ge vindt wel een taal
Alvorens een oordeel te vellen