Koekhappen

De column van Bert van Oosterhout

29 juni 2019 Bert van Oosterhout

Altijd al gedacht dat er zoiets bestaat als een Nederlandse identiteit. Wat dat is, weet eigenlijk niemand precies. Maar het klinkt interessant. Daarom hebben met name politici het er tegenwoordig nogal eens over. Als ik het goed begrijp, bedoelen ze dan een mix van normen, waarden en gewoontes die u en mij onderscheidt van iedere willekeurige buitenlander. Lang niet iedereen is het hiermee eens. Wetenschappers van niet geringe faam houden ons zelfs voor dat de Nederlandse identiteit helemaal niet bestaat. In dat licht bezien is het alsof koningin Maxima achteraf toch nog gelijk krijgt. Als prinses beweerde zij dit indertijd immers ook al. Misschien ontleende ze haar wijsheid aan professor Herman Pleij – een beminnelijke autoriteit inzake middeleeuwse letterkunde – die ons wat dit betreft al van een illusie had beroofd.

Maar zoals ik al opmerkte, lopen de meningen uiteen. Anders dan Maxima en Pleij, geloofde bijvoorbeeld wijlen premier Ruud Lubbers juist wel in een vaderlandse identiteit. Hij wist zelfs hoe deze eruit ziet: de typische Nederlander, zei hij, is initiatiefrijk, individualistisch, energiek en gierig. Dat is nogal wat. Het kan ook best een onsje minder. Monica Keijzer, staatssecretaris van economie en klimaat, zoekt het desgevraagd meer in koningsdag, onze taal, kerstavond, Sinterklaas, pakjesavond, vrijheid en gelijkheid en – niet te vergeten – het Wilhelmus. Als het zo uitkomt, allemaal meezingen graag.

Het traditionele koekhappen, zag mevrouw de staatssecretaris even over het hoofd. Het is haar vergeven. Alhoewel ook dit sportieve onderdeel van onze identiteit onder druk staat. Ja luisteraar, u hoort het goed. Aan de Nederlandse identiteit, het eigene dat u en mij uniek maakt – als je het tenminste zo wilt zien – wordt stevig geknabbeld.

Verscheidene politieke voorgangers waarschuwen dat vreemde en gevaarlijke gewoonten rammelen aan de poorten van Europa. Langs de achterdeur komen ze ook op slinkse wijze de Lage Landen binnen. Onze joods-christelijke cultuur gaat naar de bliksem. Als we niet massaal in het geweer komen tegen de oprukkende islam, kunnen we het schudden. U vergeeft mij de overdrijving. Als onze identiteit alleen bestaat uit koningsdag, koekhappen en wat dies meer zij, zou ik zeggen: laat maar gaan. Komen daarentegen vrijheid en gelijkheid in het geding, wordt het tijd om de klok te luiden. Overigens hebben deze parels van de Nederlandse samenleving met onze identiteit weinig te maken. Zij zijn niet speciaal door en voor ons bedacht. Onze buurlanden kennen ze even goed als wij.

Al met al geven deze overpeinzingen mij geen antwoord op de prangende vraag over identiteit. Bestaat ze nu wel, zoals inmiddels hele volksstammen beklemtonen? Dan is er reden haar te koesteren. Te vrijwaren van ongewenste invloeden. Overigens zonder er een kruistocht voor te organiseren. Bestaat ze niet – ook een interessante optie – hebben we als vanzelfsprekend niets te verliezen. Sinds de verkiezingen van 2017, toen het onderwerp een hot issue was, had ik me er niet meer zo mee bezig gehouden. Maar na het jongste rapport over dit onderwerp van het Sociaal Cultureel Planbureau, deze week verschenen, staat het weer volop in de belangstelling. En één ding is daarbij duidelijk. De Nederlandse taal is hét cement van onze samenleving. Op afstand gevolgd door onze vergadercultuur. Want zoals wij slap kunnen kletsen – dat doet niemand ons na.

Dit gezegd hebbende, ben ik op deze zaterdagmorgen in juni 2019 blij met de vaststelling: Eureka – ik heb het gevonden! Wat mij betreft zijn de bevindingen van het SCP, gevoegd bij het wijdverbreide gevoel over Kerstmis, Sinterklaas, Zwarte Piet, Koningsdag en het besef van vrijheid en gelijkheid, bouwstenen van de Nederlandse identiteit. En ik weet me nu in het gezelschap van miljoenen Nederlanders.

Met andere woorden: hoe grommend, onfatsoenlijk, aardig en origineel we dag-in-dag-uit tegen elkaar tekeergaan, in de kern zijn we best een tevreden volkje. Wat niet betekent dat er geen vuiltje aan de lucht is. Zo ervaart maar liefst 62% van de door het SCP ondervraagde Nederlanders de islam als een bedreiging. Alsof donkere wolken zich samenpakken boven een vredig, zomers landschap. Eeuwenlang is in deze delta en in deze polders, achter de dijken en in de heuvels een samenleving opgebouwd die typisch Nederlands mag worden genoemd. En we laten ons door niemand iets voorschrijven. Laat staan gek maken. We geven die samenleving een heldere identiteit. Wij passen haar aan wanneer de omstandigheden dat vragen. Zoals zo vaak in de geschiedenis. Daar ligt, denk ik, nog steeds onze kracht.

Ik wens u, beste luisteraars, een plezierig weekeinde. Tot de volgende keer.