Groots en meeslepend

De column van Bert van Oosterhout

7 september 2019 Bert van Oosterhout

Wanneer ik bij de halte Nieuwe Vliet uit bus 98 van de RET stap, de druilerige avond in, valt de duisternis. Als bij afspraak floepen in bijna alle flats lichten aan. Krimpen gaat aan tafel. Van beneden naar boven kijkend, zie ik op menige verdieping ook nog tv-schermen oplichten. Het Sportjournaal met het bordje op schoot.

Zo ongeveer ziet een willekeurige wijk in een wille- keurig Nederlands dorp er bij het begin van de avond, op de scheiding van zomer en herfst, uit. Na een dag werken lonken de warme hap en de leather look driezitsbank.

Ik sla de kraag van mijn regenjas op en loop richting huis. De wind ritselt zachtjes door de natte kruinen van de bomen. De bus die zojuist enkele passagiers heeft afgezet trekt piepend en kreunend op. In de donkere flat worden steeds meer lichten ontstoken.

Plotseling gaat mij ook een licht op. Dit is natuurlijk wat mensen bedoelen als ze het over huisje-boompje-beestje hebben. Een uitdrukking waarmee in bepaalde kringen meesmuilend over de anderen wordt gepraat.

Door het tv-programma Hollandse zaken werd me kortgeleden voorgehouden dat de burgerlijke truttigheid die blijkbaar bij dat wereldje hoort, de nieuwe trend is. Het was mij nog niet opgevallen. Maar misschien heb ik niet goed opgelet.

Het komt erop neer, dat de vrije geest die in de jaren zestig van de vorige eeuw de kop opstak, in slaap is gesukkeld. De feministen van toen passen inmiddels braaf op de kleinkinderen en ze dragen gewoon weer een bh. Op het sportveld van de vrije liefde wordt wat behoudender gemanoeuvreerd dan voorheen. De hippie pur sang is een absolute uitzondering geworden. Het mag weer: een vrouw – niet de buurvrouw - kinderen, een huis met tuin en een middenklasser voor de deur.

En niet langer de Bhagwan, zaliger nagedachtenis, geldt voor sommigen als de grote voorganger, maar veeleer de president van de Centrale Bank. Nepal en Afghanistan zijn niet meer de favoriete vakantiebestemmingen van weleer.

De speelse magie is verdwenen. We staan weer met beide benen op de grond. In een caravan aan de Costa Brava kan het ook heel gezellig zijn. En hele volksstammen blijven zelfs in Nederland met vakantie. Kortom de verbeelding aan de macht geldt niet langer.

In werkelijkheid is de verbeelding helemaal nooit aan de macht geweest. Ja, misschien in de bedwelmde geest van een generatie die stevig aan de marihuana, speed en coke was. Maar die was hoe dan ook in de minderheid. En om nu achteraf te doen alsof zij de bv Nederland een eind vooruit heeft geholpen – dat lijkt me flauwekul.

Maakt burgerlijkheid een comeback? - werd laatst in een praatprogramma op tv gevraagd. En zo ja, is dat erg? Verlangen mensen in tijden van klimaatverandering, complottheorieën en halfgare wereldleiders naar degelijkheid? Naar een overzichtelijk bestaan in een keurige doorzonwoning?

Het zou kunnen. De Chinese Muur, de Taj Mahal, het carnaval in Rio, om eens een handvol interessante reisdoelen te noemen, hebben blijkbaar hun aantrekkings- kracht verloren. Mooi meegenomen, want verre vliegreizen zijn immers slecht voor het klimaat. Maar de toenemende drukte op Schiphol wijst er niet op dat we ons echt beperken. Desnoods betalen we iets extra's voor onze vliegschaamte om ons geweten te sussen. Maar vliegen zullen we.

Nog even naar de genoemde truttigheid. Dat lijkt me eerlijk gezegd weer zo'n oprisping van tv-BN-ers. Zij willen de goegemeente graag wijsmaken dat er iets mis is met huisje-boompje-beestje. Laten we toch eens ophouden met die onzin. Trap er niet in.

Voor de meesten van ons is het leven nu eenmaal niet groots en meeslepend. Nooit geweest en het zal het ook nooit worden. Maar daarom kan het best heel plezierig en gelukkig verlopen. Er is immers niets verkeerd aan gewoon en middelmatig zijn. Zoals de meeste Nederlanders.

Ik wens u, beste luisteraars, een plezierig weekeinde. Tot de volgende keer.