Doe mij maar Nieuw

De column van Bert van Oosterhout

28 december 2019 Bert van Oosterhout

Doe mij maar Nieuw. Oud bracht 365 dagen lang wel erg veel onrust. Daar wil ik met plezier afstand van nemen. Natuurlijk in de hoop dat het nu eindelijk wat beter zal gaan. Ik bedoel met de wereld. Die ongelofelijk boeiende planeet waarop wij met z'n allen door het onmetelijke heelal razen.

Op het moment houdt de zwaartekracht ongeveer 7,53 miljard mensen op de been. Per seconde worden het er 4,3 meer. Dat is 255 per minuut, 15.300 per uur en 367.200 per dag. Kortom, het menselijk geslacht weet verdraaid goed hoe het zich moet vermenigvuldigen.

Vertaald naar Nederland betekent dit dat hier in 2060 bijna 20 miljoen mensen zullen wonen. Niks om blij van te worden. Want er zijn te weinig huizen, er is te veel stikstof, te weinig natuur, nog steeds hoge criminaliteit en de wegen staan gewoon altijd vol met auto's, waar geen beweging in te krijgen is.

De meeste nieuwkomers, nu en later, zijn voorbestemd om een betrekkelijk anoniem bestaan te leiden. Een groots en meeslepend leven zit er voor hen niet in. Alle kans dat het komend jaar voor hen in grote trekken overeenkomt met het voorbije jaar.

Rondom 12 uur in de nacht van dinsdag op woensdag gaan de vuurwerk-cowboys natuurlijk weer los. Qua geknal en vuurwerk zal het ons ongetwijfeld aan niets ontbreken. De helse herrie – op alle continenten – wekt elk jaar weer de suggestie dat er iets belangrijks staat te gebeuren. Of is gebeurd. Maar meestal is dat niet het geval. De ellende met vuurwerk-ongelukken daargelaten.

Kortgeleden namen mijn vrouw en ik in het Oude Luxor in Rotterdam alvast een voorschotje op de jaarovergang. Op het podium probeerde Claudia De Breij haar speelse, mild kritische en nogal moralistische Oud-jaarsconference uit. Dezelfde waarmee ze op de avond van 31 december op de tv het jaar 2019 onder de loep zal nemen.

Claudia had het er niet over, maar wij horen om ons heen dat dit jaar zo snel voorbij is gegaan. Je gelooft het misschien niet, maar wij vinden dat ook. Eigenaardig toch. De kalender was geen andere dan een jaar eerder. De maanden duurden bijna allemaal 30 of 31 dagen. En een etmaal was ook deze keer weer 24 uur. Dus, wat was er aan de hand?

Mijn generatiegenoten – zeg maar gerust, de grijze golf – hebben dikwijls het gevoel dat het tempo van het dagelijks bestaan steeds hoger wordt. Zelfs met steun van een rollator, kunnen ze de sociale hartenklop anno 2019/2020 niet bij houden. Toch hebben niet zij, maar de generatie van dertigers – druk, druk, druk – het meest last van burn outs.

Ik vermoed dan ook dat met het besef van tijd onder de pensionado's niks mis is. Natuurlijk was het het jaartje wel, om dat cliché eens te gebruiken. Maar gelukkig wonnen we het songfestival. Applaus. Dus straks komt dat muziek-circus naar Rotterdam. Heb je trouwens nog 'n achterkamertje vrij, al is het in Krimpen, verhuren die handel. In een paar dagen loop je binnen.

Verder is er op het eerste gezicht eigenlijk niet veel positiefs te melden. Dat staatssecretaris Menno Snel de handdoek in de ring gooide, omdat het bij de Belastingdienst zo'n kolerezooi is, lijkt me normaal. Niemand wordt er een spat wijzer van, maar zo werkt het nu eenmaal. Ik vind wel dat de politieke verantwoordelijkheid voor een dossier waar een voorganger een rotzooitje van heeft gemaakt, nodig eens moet worden herzien.

Allerminst normaal is het intussen dat blijkbaar iedere puber tegenwoordig een mes op zak heeft. En het gebruikt ook. Eén bejaarde per week op straat overvallen en doodsteken, is ongeveer het moyenne. En kom me nou niet vertellen dat het zo'n vaart niet loopt. In die leugen trap ik niet meer. Dan is er ook nog iets met de boeren, de leraren, de verpleegkundigen en verzorgenden. Over de uitstoot van stikstof is het laatste woord ook nog niet gezegd.

Dichter bij huis, in ons eigen Krimpen aan den Ijssel, staken een paar politieke partijen een zevenklapper af. Verpakt in een motie. Zo werd, nog vóór de jaarwisseling, met een oorverdovende explosie, de coalitie in het gemeentehuis opgeblazen. Nota bene het gezelschap dame en heren dat in juni vorig jaar met animo en hooggestemde verwachtingen van wal was gestoken.

Ik zie ze nog staan, de nieuwe wethouders van toen: Kirsten Jaarsma, Arjan Neeleman, John Janson en Anthon Timm. Ze hadden elkaar gevonden in het Coalitieakkoord Kleurrijk Krimpen, met als strijdkreet Naast elkaarmet elkaarvoor elkaar. Kom daar nu eens om.

Iedereen weet het inmiddels: je moet de huid van de (Grote) Beer niet verkopen voor hij geschoten is. Dit klassieke gezegde past mooi bij iedere wethouder op zo'n Delfts blauw tegeltje. Boven de echtelijke sponde. Of in de keuken. Maakt niet uit.

Beste luisteraars, ga even mee in mijn droom. Een Saturnus-raket heeft zojuist onze capsule de ruimte in gestuwd. Met een snelheid van 8 kilometer per seconde laten we het jaar 2019 achter ons. Op een hoogte van 200 kilometer kijken we naar de Aarde.

Naar de Gobi-woestijn, de Amazone, de Stille Oceaan, de Himalaya, de Ganges, de vulkaan Etna, Rome. En we zien rubberbootjes in zee bij Sicilië, het Sint Pietersplein, Trafalgar Square, het Rode Plein.

Dan klinkt vanuit de onmetelijke ruimte muziek. En we horen de stem van Henny Vrienten, de leadzanger van de band Doe Maar. 'Is dit alles?' zingt hij. 'Is dit alles wat er is?' Ja, dit is alles. Hier moeten we het mee doen. En het liefst met elkaar en voor elkaar.

Ik wens u, beste mensen, een prachtig nieuwjaar. Bedankt voor het luisteren. Graag tref ik u weer na de jaarwisseling. Zelfde plaats. Zelfde tijd.