Een meisje van 16

De column van Bert van Oosterhout

4 januari 2020 Bert van Oosterhout

En wat denk je? Zal het lukken met die goede voornemens? Stoppen met roken moet kunnen, toch? Het gaat wel om je gezondheid. Bovendien is een pakje sigaretten nu al bijna zo duur als een krat bier. Maar als je blijft paffen komt de echte rekening natuurlijk pas later. En die zal een stuk hoger zijn dan die van een bak pils.

Geloof me, ik spreek uit ervaring. Een kleine 30 jaar geleden gaf mijn rikketik een seintje dat het zo wel genoeg was. Dus weg met die kleine witte stokjes met mondstuk. En tot mijn stomme verbazing lukte het. Om over de verbazing van vrouw en kroost nog maar te zwijgen.

Inmiddels is roken in ons land een asociale gewoonte geworden. Nog slechts gebezigd op een enkel caféterras en bij de zij-ingang van sommige kantoren. Maar ik ken in Krimpen en wijde omgeving geen gebouw waar de geurige wolken van sigaret, sigaar en pijp door de ruimte zweven.

Dat ligt wel even anders met die andere afrader, de borrel. Niet toevallig natuurlijk, werd ons een paar weken geleden via allerhande media ingepeperd hoe oerdom en gevaarlijk alcohol drinken is. Dat de Romeinen tweeduizend jaar geleden al wijn dronken, omdat water te smerig was, laten we even voor wat het is. En dat onze middeleeuwse voorouders om dezelfde reden gretig de kroes met schuimend bier aan de mond zetten ook.

Ik bedoel maar: misschien heb je je voorgenomen de sigaret en de neut met ingang van 01-01-2020 te laten voor wat ze zijn. Nou, gefeliciteerd. Ik hoop van harte dat je de nieuwe soberheid volhoudt. Als je het niet erg vindt, doe ik even niet mee. Al naar gelang het seizoen, het tijdstip van de dag en de plezierige aanleiding, doe ik gewoon mijn plicht als lid van de horeca-club.

Waarmee, wat mij betreft, de twee meest genoemde goede voornemens voor dit splinternieuwe jaar zijn behandeld. Het zijn huis-tuin-en-keuken onderwerpen. Altijd goed voor een gezellige babbel op je verjaardagsfeestje. Maar klein bier vergeleken met dè erfenis van het jaar 2019 en het absolute focus point van goede voornemens: het klimaat-debat.

Weinig onderwerpen hebben ons de laatste jaren zo bezig gehouden. Even los dan van de explosieve sfeer over de plaatsing van kruisraketten in de jaren tachtig van de vorige eeuw. Kruisraketten en de Koude Oorlog waren toen een regelrechte bedreiging van ons bestaan.

Hetzelfde bestaan dat volgens hele volksstammen op termijn in gevaar komt, als we niet snel pijnlijke maatregelen nemen. En niet omdat Wladimir Poetin zo chagrijnig vanuit het Kremlin naar ons loert. Maar omdat we, even kort door de bocht, met veel te veel mensen aan het consumeren zijn geslagen. De bronnen van de planeet Aarde uitputten. Het klimaat ongunstig beïnvloeden. En als we zo doorgaan, gaat dat ons lelijk opbreken.

Het is intussen een bekend liedje. Met stemmen en tegenstemmen. Die klinken steeds luider. En er sluipt ook steeds meer venijn in. Met een onbegrijpelijke onwil om de feiten onder ogen te zien. Alsof we het over een natuurverschijnsel hebben, waar toch niks tegen te doen is.

Een verschijnsel bovendien, dat eigenlijk 'normaal' is. Want het is toch zo, dat het klimaat in miljoenen jaren altijd al veranderde. Daar kan de mensheid toch niks aan doen. Tja, er lopen heel wat typen rond die weigeren de feiten te zien. Zelfs niet wanneer de zeespiegel hen tot de adamsappel is gestegen.

Weet u het nog? Goede voornemens, daar begonnen we mee. Nou, daar ontbreekt het niet aan. De ene klimaatconferentie volgt de andere op. Kyoto, Parijs, Madrid. Braaf beloven een kleine 200 landen maatregelen te nemen om de uitstoot van CO2 terug te dringen. Aan mooie woorden geen gebrek. Maar daar blijft het meestal bij.

Misschien levert de volgende topconferentie, dit jaar in Glasgow, iets concreets op. Maar ik heb er een hard hoofd in. Ik voorspel dat het opnieuw een flop wordt. Het klimaatprobleem wordt doodgewoon nog niet door voldoende landen serieus genomen. Ook in Haagse kringen loopt meer dan een politieke druiloor rond die beweert dat er helemaal geen klimaatverandering is. Hoe achterlijk kun je zijn?

Wat veel politici zouden kunnen gebruiken is de drive en de woede van de16-jarige Greta Thunberg. De kleine Zweedse praatjesmaker, die als een duiveltje uit een doosje de zweep legde over de Verenigde Naties. De verbijsterde en geamuseerde afgevaardigden wisten niet waar ze het hadden. Begrijpelijk. Het was dan ook een ongekend spektakel.

Ze hadden het trouwens wèl kunnen weten. Een jaar eerder had Greta in het World Economic Forum in Davos al meedogenloos toegeslagen. Vooral met zinnen als:' Ik wil niet dat u hoopvol bent. Ik wil dat u in paniek raakt. Ik wil dat u reageert alsof het huis in brand staat. Want het staat in brand.'

Mooie keiharde zinnen uit de mond van een jong meisje. Iets te mooi, denk ik eigenlijk. Vele anderen dachten het met mij. Met dit verschil: ik behoor niet tot de idioten die Greta uit de grond van hun hart vervloeken om wat ze doet. En ik heb al helemaal niets gemeen met de misdadige lieden die haar naar het leven staan.

Ik sluit niet uit dat Greta's act haar door derden wordt ingefluisterd. Maar liever een ingefluisterd optreden met een boodschap, dan dat treurige gebrek aan concrete maatregelen.

Ik wens u, beste luisteraars, een voorspoedig en blij 2020. Tot de volgende keer.