Vissen in de wastobbe
De column van Bert van Oosterhout
15 mei 2021 Bert van Oosterhout
Er zal best een telefoontje aan vooraf zijn gegaan. “Good morning, Emmanuel, Boris speaking from London. How are you? Alles ok? Goed om te horen. Even een dingetje. Dat je het weet. Twee van mijn oorlogsschepen – HMS Severn en HMS Tamar – stomen op naar het eiland Jersey. Even die vissers van jou tot de orde roepen. Ik reken op je begrip.”
De geschiedenis vermeldt niet hoe lang het aan de Parijse kant van de telefoon stil bleef. Evenmin welk blik met Franse verwensingen daarna werd open getrokken. Wel waren we er getuige van hoe na het Britse flottielje ook twee Franse oorlogsbodems richting Jersey koersten. Op de brug van de marinevaartuigen stonden de commandanten zich al te verkneukelen. Dit was nou 's het echte werk.
Ongetwijfeld hadden ze opdracht uiterste beheersing te betrachten. Eén foutje en zo'n visserijconflict – want dat is het – ontaardt in een heuse zeeslag. Zowel Londen als Parijs deed alsof het desnoods een paar waarschuwingsschoten niet uit de weg zou gaan. Maar uiteindelijk hielden ze allebei hun kruit droog.
Het hele gedoe had iets weg van een operette. Het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk zijn historisch gezien eeuwige rivalen. Door de eeuwen heen zijn ze oorlogen niet uit de weg gegaan. Maar dit is de 21ste eeuw. Geen schout-bij-nacht of admiraal waagt zijn huid in een serieuze zeeslag. Voor je het weet vallen er doden. En dat voor een maaltje vis. Daar ging het immers allemaal om.
Een vloot van zo'n zestig Franse vissersschepen blokkeerde vorige week de haven van Saint Helier, de hoofdstad van Jersey. Ze protesteerden omdat ze nog geen vergunning hadden om hun netten uit te gooien in de territoriale wateren van het Kanaaleiland. Dat is natuurlijk vragen om problemen. Die kwamen dan ook. Binnen de kortste keren doken aan de horizon twee Britse oorlogsbodems op. Als was het een scène uit de film De langste dag. Van zijn kant liet president Macron zich ook niet onbetuigd. Twee patrouilleboten naar de plaats des onheils sturen, was het minste dat hij kon doen. Meteen ook een stoer gebaar om gezichtsverlies te vermijden.
Ik kon het niet helpen, maar het hele spektakel legde beelden op mijn netvlies van Het Kanaal als wastobbe. Kinderen laten er hun bootjes in varen. Daarbij steekt de rivaliteit al gauw de kop op. Precies zoals in de grote wereld. 'We zijn klaar voor oorlog' kopte de Britse krant Daily Mail, die zoals bekend, de sensatie ruimschoots in zijn kolommen toelaat. Gekker kon het niet worden.
De operette Boris en Emannuel in de wastobbe is trouwens gebaseerd op een serieus scénario. Om een harde Brexit te voorkomen maakten de EU en het VK afspraken over visserij. Franse vissers hebben een vergunning nodig om in de territoriale wateren van Jersey te werken. Maar van meer dan driehonderd aanvragen werden er slechts 41 beloond. Geen wonder dat de Fransen door het lint gingen.
Het verloop van de gebeurtenissen is in de media breed uit de doeken gedaan. Intussen is een oplossing nog niet in zicht. Van volwassen overleg om een visserij-oorlog te voorkomen, is geen sprake. Wel van uitdagend spelevaren in Het Kanaal. Niet helemaal zonder risico natuurlijk. Geen visser, Frans, Brits of van Jersey, zit immers te wachten op een voltreffer uit een vijandelijk kanon.
Jersey heeft een aparte status. Het eiland met ongeveer honderdduizend inwoners – reuze populair als belastingparadijs – bepaalt zelf zijn politiek. Maar als kroondomein wordt het in alle opzichten door Londen gesteund. Toen Jersey kortgeleden eenzijdig de visserijregels aanpaste, had je natuurlijk de poppen aan het dansen. Van de ene dag op de andere visten Franse vissers naast het net. Om hun woede te temperen kon Boris Johnson weinig anders doen dan de Royal Navy het ruime sop opsturen.
Daarmee was het Efteling gehalte van het conflict compleet. Nota bene terwijl in Straatsburg met veel fanfare een Conferentie over de toekomst van Europa werd afgetrapt, maakten Londen en Parijs elkaar voor rotte vis uit. Als resultaat van die conferentie moeten er over pakweg een jaar aanbevelingen op tafel liggen over de vraag waar het met de EU heen moet.
Het is de bedoeling dat 'de stille meerderheid' van de Europeanen een stem krijgt. Allemaal bedacht door de Franse president Macron. Van hem kennen we de grote woorden, grote gebaren en grote stappen – wanneer het om de eenwording van Europa gaat.
Voor nu zou hij met zijn grote gebaren misschien een visje kunnen uitwerpen bij collega Boris Johnson. Om het Jersey-conflict de wereld uit te helpen. Hier in Krimpen hoor je er niemand over. Toch speelt de operette zich ongeveer in ons voortuintje af. Op schootsafstand, zogezegd. Nu het toch de bedoeling is dat wij als EU-burgers straks meepraten, zou ik zeggen: à la guerre comme à la guerre – vrij vertaald, 'als het moeilijk wordt, moet je wel weten wat te doen.'
Een plezierig weekend.
5 mei 2021
Bert van Oosterhout
