Hugo vs. Hugo

De column van Bert van Oosterhout

22 mei 2021 Bert van Oosterhout

Hugo de Jonge, die van die kekke schoenen, was in een vorig leven o.m. wethouder van Rotterdam. Hij weet dus hoe de hazen lopen, op lokaal niveau. Wat dit betreft zijn hij en onze Hugo van der Wal, die als wethouder over het Sociaal domein waakt, aan elkaar gewaagd. Zou ik denken, maar dat schijnt de minister anders te zien. Of, zoals je tegenwoordig zegt: daar staat de minister anders in.

De twee Hugo's verschillen van mening over een huishoudelijk akkevietje. En ik heb sterk de indruk dat meneer de minister op zijn strepen gaat staan. Wat ik nogal potsierlijk vind. Maar goed, met Haagse Hugo zijn we intussen wel wat gewend. Toegegeven, hij krijgt het natuurlijk met alle perikelen rond het vaccineren, stevig voor de kiezen. Zo gaat dat, had 'ie maar een vak moeten leren.

De geplaagde bewindsman, die over een heel ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport beschikt om zijn problemen op te lossen, denkt erover Krimpen aan den IJssel tot de orde te roepen. Waarom? Omdat Krimpense Hugo vanaf 1 juli niet langer noodgedwongen voor Sinterklaas wil spelen. Hij vindt dat de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) wel erg ruimhartig wordt toegepast.

Da's toch mooi, ben je dan geneigd te denken. De behoeftige burger klopt aan bij het gemeentehuis en krijgt desgevraagd prompt een huishoudelijke hulp. Gesubsidieerd, welteverstaan. Ook als die behoeftige burger helemaal niet behoeftig is. Want in Den Haag hebben ze weer eens een wet in elkaar geknutseld die kennelijk niet waterdicht is. In het Catshuis en omgeving hebben ze daar al een tijdje patent op. Maar dit terzijde.

Wanneer een van onze dorpelingen zo'n huishoudelijke hulp aanvraagt, wordt niet gekeken of hij dan wel zij die hulp misschien zelf kan betalen. Want zo'n controle – daar voorziet de wet niet in. Dus kan het volgende zich voordoen: de gesubsidieerde hulp beklimt op het afgesproken tijdstip met haar (eventueel zijn) emmertje met sop, spons en zeem het huishoudtrapje om die vette aanslag op de keukenkastjes weg te werken. Een mooi begin. De keuken knapt ervan op. En de bewoonster van het pand heeft eindelijk weer eens tijd voor een setje tennis met vriendinnen. Na een kort overleg wringt ze zich dan ook in haar twoseater van een befaamd Duits merk en scheurt net iets te snel richting tennisbanen. Iedereen tevreden.

Behalve wethouder Hugo van der Wal (SGP) natuurlijk. En geef hem eens ongelijk. Bovenstaande karikatuur is geen schering en inslag. Da's al wat. Maar het komt toch voor dat dorpelingen in goede doen zonder blikken of blozen hun heil zoeken bij de Wmo, terwijl ze moeiteloos die paar tientjes vergoeding kunnen ophoesten. Dat kan omdat de wet geen onderscheid maakt. De schaamte voorbij, zal ik maar zeggen.

Zoals hij vorige week voor deze microfoon nog uit de doeken deed, wil wethouder Van der Wal deze ongelijkheid de wereld uit helpen. Wie huishoudelijke hulp wil, moet vanaf 1 juli zijn of haar inkomen laten zien. “De Wmo is er voor mensen met een verminderde zelfredzaamheid”, zei de wethouder. “Nu lijkt het een soort schoonmaaksubsidie te worden.” En dat terwijl de kosten voor de Wmo in Krimpen de pan uitrijzen. Het is dus zaak de kosten omlaag te brengen.

En daar is het het college van b & w, meer speciaal Krimpense Hugo, allemaal om begonnen. Per 1 januari 2019 was een abonnementstarief voor de Wmo ingevoerd. Daardoor steeg binnen de kortste keren het aantal aanvragen voor hulp in het huishouden. Zodoende gingen in 2020 de uitgaven, vergeleken met 2018, met maar liefst € 980.000 omhoog. “De Wmo dreigt onbetaalbaar te worden, zeker nu het Rijk niet van plan is gemeenten hiervoor tegemoet te komen”, stelde de wethouder vast.

En zo kwamen beide Hugo's dan in een soort onhandige bestuurlijke pas de deux elkaar tegen. De minister ziet geen heil in een wetswijziging. De wethouder laat het, met ruggesteun van het college, desnoods aankomen op een proefproces. Het juridisch steekspel tussen beide bewindslieden laat onverlet dat sommige Krimpenaren – zeg maar gerust te veel – voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Wat een kleingeestig gedoe zeg.

Wie hulp nodig heeft, maar die zelf niet kan betalen, moet zeker worden geholpen. Overigens moet volgens mij iedere boven modale dorpeling zich eerst maar eens tweemaal achter de oren krabben, voor hij of zij zelfs maar aan de geneugten van een Wmo-hulp durft te denken.

Iedereen een plezierig Pinksterweekend.

22 mei 2021
Bert van Oosterhout