The sound of silence
De column van Bert van Oosterhout
2 oktober 2021 Bert van Oosterhout
Het was de laatste zomerse zaterdag. 's Middags halfvijf. Achter in de tuin vingen we nog net wat zon. Het duurde maar even. Met de laatste stralen verdwenen ook de geluiden. Tussen de huizen in het wijkje viel een onwezenlijke stilte. Het opgewekte gesnater van kinderstemmen had zich naar binnen verplaatst. Het snerpende lawaai van de doe-het-zelver die tuintegels stond te slijpen, was verstomd. Als bij afspraak deden ook de vertrouwde zwermen vogels er het zwijgen toe.
De stilte had iets onwezenlijks. Ze kwam niet alleen. Ze bracht een on-Nederlands sfeertje mee. Alsof een draai aan het stopcontact naar boven haalde wat de Provence en Toscane voor altijd in ons systeem hebben achtergelaten. Misschien was het 13 miljard jaar geleden ook wel zo stil op Aarde, na het gedonder van de Big Bang.
Voor ons was het intussen genieten geblazen. Maar dat valt soms nog niet mee. We leven in een wereld waar het bijna nooit stil is. En dat is slecht voor onze gezondheid. In 2011 noemde de Wereld Gezondheids Organisatie geluidsvervuiling een 'moderne plaag'. Ze achtte bewezen dat blootstelling aan geluid een negatief effect heeft op ons welzijn. We stellen onze oren voortdurend bloot aan muziek, tv, radio, podcasts en meer. Zo kent een dag maar weinig momenten in volledige stilte. Terwijl die toch een heilzame invloed op ons heeft.
Al dat geluid leidt tot hoge bloeddruk, hartaanvallen, minder gehoor en een slechtere algemene gezondheid. Harde geluiden zorgen er bovendien voor dat het stresshormoon cortisol vrijkomt. En dat is natuurlijk ook niet goed voor ons. Ga er maar aanstaan. Lawaai, lawaai, lawaai.
De voorbeelden liggen voor het oprapen. Kortgeleden deelden we met twee bevriende echtparen een tafel in een restaurant net buiten de dorpsgrens. Ik zou bijna zeggen, in alle onschuld gereserveerd. Want op de ongelofelijke pokkenherrie die ze in het restaurant muziek noemden, had niemand ons voorbereid.Navraag leerde dat deze geluidsterreur 'bij het concept hoorde'.
Onze afschuw werd ongetwijfeld mede ingegeven door onze gevorderde leeftijd. Als jongere ouderen herinneren we ons met veel plezier hoe ooit de muziek – of wat daar toen voor doorging – met carnaval niet luid genoeg kon zijn. Het motto was dan ook: 'het hoeft niet mooi te zijn, als het maar hard is.'
Maar we hebben bijgeleerd. Op den duur voelden we ons toch meer thuis bij The sound of silence van het eertijds befaamde zangduo Paul Simon en Art Garfunkel.
Meer geleerde typen dan ik, hebben uitgevogeld dat stilte het tegenovergestelde effect op ons heeft van geluidsoverlast. Stilte kalmeert ons brein en ons lijf. Ze herstelt de standaard modus. Bij wijze van spreken een apk-keuring. Eenmaal uitgevoerd, ontstaat er ruimte voor herinneringen en ideeën, creativiteit en zelfreflectie. Aldus leert ons de wetenschap.
Niet toevallig zoeken mensen sinds ver vóór de jaartelling de stilte op. De een gaat daarom op het topje van een berg zitten. Een ander zoekt het in de woestijn. Duizenden trokken zich eeuwenlang terug in kloosters. En vergis je niet, nog steeds hunkeren mensen naar een bestaan waarin op z'n tijd plaats is voor stilte. Soms zelfs voor de Grote Stilte. Zoals in 2005 werd vastgelegd in de indrukwekkende documentaire Into great silence.
De Duitse filmer Philip Gröning woonde en werkte een jaar in een klooster van kartuizer-monniken, diep in de Franse Alpen. De sfeer binnen de muren van dat klooster was van een verpletterende schoonheid. Het begrip stilte kreeg hier een heel bijzondere betekenis. Niet te vergelijken met de plezierige stilte, op een zaterdagmiddag, bij ons in de tuin.
Daar begonnen we het praatje van vandaag. En nog steeds zitten we relaxed onder de parasol. Intussen zijn ook buren aangeschoven. De stilte is dus niet meer zo stil. Het bijna idyllische sfeertje wordt nu trouwens ruw verstoord door het gebrul van een motor die op de Nieuwe Tiendweg de geluids- barrière doorbreekt.
Wat wij als irritant ervaren, is voor de motorrijder vermoedelijk een soort oerbeleving. Een ontlading van geluid en genot, die het begrip stilte van elke betekenis berooft. Afgaande op mijn intuïtie, schat ik die onbekende op zijn motor tussen de 20 en 40 jaar. De generatie die het zo moeilijk had met de corona -maatregelen.Voor wie stilte voorlopig een onbekend begrip is.
Als ik de neurowetenschap moet geloven, springen zulke gasten wat slordig met hun brein om. Dat krijgt te weinig kans om op te laden. Misschien komt het daardoor dat bijvoorbeeld de minimumleeftijd voor een burn out is gedaald tot rond de 30 jaar. OK, genoeg huis-tuin-en-keuken-filosofie gespuid voor een middag in de tuin. We houden het voor gezien. De zon is trouwens ondergegaan.
Plezierig weekend.
Blijf gezond.
2 oktober 2021
Bert van Oosterhout
