De bijsmaak van azijn

De column van Bert van Oosterhout

4 december 2021 Bert van Oosterhout

Eerlijk is eerlijk, ik was er zelf niet opgekomen. Daarom vind ik het des te aardiger dat het AD het eerder deze week deed. Het zette op de voorpagina de Rotterdamse geluksprofessor Ruut Veenhoven in het zonnetje. Een speelse actie in deze sombere corona-tijd. De 79-jarige emeritus hoogleraar is namelijk bij uitstek de wetenschapper die tientallen jaren heeft onderzocht hoe gelukkig of ongelukkig wij ons voelen. En ondanks zijn emeritaat zit hij nog steeds niet stil. Hij zal en hij moet weten hoe het met ons is.

En terwijl virussen en hun varianten ons om de oren vliegen, brengt de hooggeleerde socioloog het opbeurende nieuws: 'wij zijn gelukkiger dan de Fransen ooit zijn geweest.' Tel uit je winst, zeg ik met jullie. Ik gun de franse medemens het allerbeste. Dat verdient 'ie wel met al die verpletterend mooie chansons. Maar ik lig niet wakker van zijn dagelijks geluk. Daar gaan wij nu eenmaal niet over.

We laten de Fransen even voor wat ze zijn. Wat we willen weten is hoe chagrijnig wij zijn geworden door dat verdraaide virus. En dan vernemen we van de Erasmus-prof dit: 'In historisch perspectief is er niets aan de hand. Toen de crisis ons overviel, konden we nog massaal zingen op het balkon. Applaudisseren voor de heldinnen en helden in de zorg. Dat is voorbij. Op dit moment is de lucht zwanger van pessimisme.

Theaters gesloten, horeca om vijf uur 's middags dicht, de situatie in de ziekenhuizen loopt opnieuw gierend uit de klauw. 'Voor een aantal mensen is dit heel vervelend', merkt Veenhoven op. Dat is, wat je noemt, een understatement. Vervelend? Kom op, zeg. Noem het maar gerust een ramp. Zo kijk ik ernaar. Maar dat vind de prof overdreven.

Ik citeer: 'voor een aantal mensen is het heel vervelend. Maar dat is het. Er is geen wereldoorlog aan de gang. Er heerst geen pest of hongersnood. Er zijn ook branches die omkomen in het werk. Wie niet met vakantie kon, heeft zijn huis laten verbouwen. De keuken was vorig jaar al vernieuwd.' En als ik de prof goed begrijp, zit daar de clou. Er valt niks meer te karweien. De grootste ellende leek achter de rug. Maar het verwachte perspectief werd begin deze week weggevaagd. Dus wat nu?

Een gezellige kerst, met de hele familie aan het gourmetten, gaat het waarschijnlijk niet worden. En of die door een rijk familielid betaalde wintersport, doorgaat valt te bezien. De teleurstelling hangt als een lichtkrans om de kerstboom. Wanneer we straks, in het allerlaatste uur van 2021, buiten de buren met de elleboog een gelukkig nieuwjaar wensen, heeft de champagne de bijsmaak van azijn.

En toch geven de data van onze prof aan dat wij Nederlanders 'nog steeds behoorlijk gelukkig zijn.' Kan bijna niet waar zijn, denk ik dan. Om me heen zie ik weliswaar nogal wat mensen die lekker bezig zijn. Die de crisis als het ware naar hun hand hebben gezet. Maar zodra het onvermijdelijke c-woord valt (de c van corona, natuurlijk), blijkt dikwijls toch dat het virus ook aan hun ziel knaagt.

Hoe zou het anders kunnen zijn bij een crisis die in de moderne geschiedenis zijn weerga niet kent? Want dat staat immers als een paal boven water. Ondanks het legertje crisis ontkenners dat maar niet kleiner wil worden. Waarvan aanhangers nota bene ongevaccineerd op de intensive care terechtkomen. Waar ze vervolgens worden behandeld tegen een virus dat niet bestaat. Dat is nou de wereld op zijn kop.

Nu de zaken er zo voorstaan, denk ik: doe mij aan het einde van de maand maar Nieuw. Oud bracht 365 dagen wel erg veel onrust. Daar wil ik met plezier afstand van nemen. Natuurlijk in de hoop dat het nu eindelijk wat beter zal gaan. Ik bedoel met de Aarde. Die ongelofelijk boeiende planeet waarop wij met z'n allen door het onmetelijke heelal razen.

Op dit moment houdt de zwaartekracht ongeveer 7,53 miljard mensen op de been. Per seconde worden het er 4,3 meer. Dat is 255 per minuut, 15.300 per uur en 367.200 per dag. Het menselijk geslacht weet zich verdraaid goed te vermenigvuldigen.

Vertaald naar Nederland betekent dit dat hier in 2060 bijna 20 miljoen mensen zullen wonen. Niks om blij van te worden. Want er zijn te weinig huizen, er is te veel stikstof, te weinig natuur, nog steeds hoge criminaliteit en de wegen staan gewoon weer vol met auto's, crisis of niet.

De meeste nieuwkomers, nu en later, zijn voorbestemd om een betrekkelijk anoniem bestaan te leiden. Groots en meeslepend leven zit er voor hen niet in. Maar dat is dan wel het laatste waar we ons druk om moeten maken, lijkt me. Welbeschouwd is een 'gewoon gelukkig' leven voor iedereen toch goed genoeg. Laten we hopen dat dat ons is gegund. Ondanks dat vermaledijde virus.

Een plezierig weekend.
Blijf gezond.

4 december 2021
Bert van Oosterhout