’n Haan komt uit de kas
De column van Bert van Oosterhout
13 mei 2023 Bert van Oosterhout
Of we een weekje op de kippen konden passen? Het jonge gezin moest zonodig even naar Tessel. En op de camping daar, zit niemand op een paar kippen te wachten. Daarom belast mijn vrouw zich met de zorg voor de pluimveestapel. Die telt zegge en schrijve twee kippen. Dus waar hebben we het over? Een keer of drie, vier per dag een bak groente en het gedierte scharrelt tevreden door de ren.
De buren, want die bedoelen wij, hebben nauwelijks hun hielen gelicht wanneer wij in het slaapvertrek van het kippenhuis een vreemde vogel ontdekken. Qua postuur nog niet de helft van een kip. Bovendien niet wit maar helemaal zwart. Zover wij begrijpen is dit een kraai. Hoe hij zich toegang heeft kunnen verschaffen tot de zitstok van de kippen mag Joost weten. In het riante, zelfgebouwde kippenhuis staat nergens een deur of raam open.
Toch zit de kraai binnen. Allemaal best, maar hij kan er niet meer uit. Dat wordt absoluut niet op prijs gesteld door een van de twee bewoners, die ons meteen al opviel door zijn/haar arrogante en agressieve gedrag. Bijna onafgebroken hamert de kip de kraai op zijn schedel. Nu weten wij hoegenaamd niets van de dierenwereld. Maar het lijkt ons toch niet gezond voor een kraai wanneer een kip een dag lang probeert zijn kleine schedel te splijten.
Menselijk ingrijpen lijkt hier gewenst. Met ware doods- verachting kruip ik het nachthok in. Gewapend met een stok waar kippen normaliter op zitten. Na een schijngevecht kiest de kraai eieren voor zijn geld. Een bezigheid die je eigenlijk juist van een kip zou verwachten. Maar de opgejaagde kraai weet ook niet meer wat zijn voor- of achterkant is en dus vliegt hij de vrije wereld tegemoet. Pleit beslecht.
Wij blij. Van een ongewenste inwoning in het kippenhok, heb je alleen maar ellende. En dat is het laatste waar we op zitten te wachten.
Let nu op: over de kern van wat zich in het kippenhok afspeelde zijn bibliotheken volgeschreven. Da's andere koek. De Grote Mensen-wereld vertoont nu eenmaal nogal wat overeenkomsten met die van de dieren. Stel je vragen bij hun gedrag, dan vraag je goed beschouwd ook waarom mensen doen wat ze doen.
In deze samenhang denk ik met enige huiver terug aan handboeken als Biological Psychology, van de hand van James Kalat. Verplichte lectuur voor hbo-studenten psychologie. Geen boek dat door kippen en kraaien wordt bestudeerd. Maar wat Kalat ontraadselt over de drijfveren van mens en dier is fascinerend.
In 'ons' kippenhok voltrok zich iets wat zich in de buitenwereld overal, elke dag afspeelt. Een individu, in dit geval een kraai, werd onderdrukt en vernederd. En dat uitsluitend omdat een kraai geen kip is. Vul willekeurig iets anders in – wat te denken van jood of homo? – waar kraai staat. Brul anti-semitische spreekkoren bij Ajax. Maak dierengeluiden. Gooi bananen naar een gekleurde speler. De vergelijking is absurd, maar desondanks van toepassing.
Wat de agressieve kip in onze vertelling bezielde, laat zich raden. Zij en haar lotgenoot waren als 'gevulde' eieren in het kippenhuis gedeponeerd. Tot groot plezier van de buurkinderen. Voor hen was de Grote Vraag natuurlijk: wat komt er straks uit die eieren? Kippen of een kip en een haan? Hartstikke spannend. Het werden twee kippen.
Maar op de ochtend van de derde oppas-dag zei mijn vrouw:
“Hoor jij, wat ik hoor?”.
“Ik hoor niks. Wat bedoel je?”
“Volgens mij, hoor ik een haan kraaien.”
“ Nou, gisteren zaten er twee kippen in het hok. En die kunnen volgens mij niet kraaien.”
“Ok, maar nu hoor ik toch gekraai. Luister dan”.
Mijn wederhelft had gelijk. Onmiskenbaar steeg een helder hanen-gekraai tussen de huizen op. Surprise! Hoe was dit in vredesnaam mogelijk? Lacherig repten we ons naar de tuin van de buren. Daar was het raadsel snel opgelost. Een kip had zich tot dan toe onterecht als kip voorgedaan. Maar nu kon ze blijkbaar haar ware aard niet langer verloochenen. Ze kwam uit de kast als haan. Fier kraaiend vanuit een strot die een operazanger niet zou misstaan.
De uitdrukking 'er kraait geen haan naar' was niet langer van toepassing. De haan van de buren kraait inmiddels dat het een lieve lust is. Maar dat hij uit de kast is gekomen betekent wel dat hij moet verhuizen. Een luidruchtige haan in een rustige woonwijk – dat gaat niet werken. Dus keert hij terug naar de boer die hem cadeau gaf toen hij nog in het ei zat.
We hebben de gast-ouders op Tessel natuurlijk meteen van de laatste gebeurtenissen op de hoogte gebracht. Die kraaiden aan de telefoon van plezier.
Een plezierig weekend.
13 mei 2023
Bert van Oosterhout
