Terug naar Gruttoland.
De column van Lourens Portasse
3 december 2005 Lourens Portasse

Een brede coalitie, bestaande uit Vogelbescherming Nederland, Landschapsbeheer Nederland, Natuurlijk Platteland Nederland en De Landschappen, gaat zich inzetten voor een betere bescherming van vogels van het agrarisch leefgebied. Dit werd deze week bekend gemaakt tijdens het in Baarn gehouden Gruttogala.
Het nieuwe project 'Boerenland-Vogelland', gaat zich naast weidevogels ook richten op vogels van akkers en kleinschalig landschap.
De grutto moet beschermd worden. Deze vogel gaat achteruit. Vandaar. En de naam van de website is geen verrassing: www.grutto.nl
Vanaf nu zal er dus wel elk jaar een wereldgruttodag worden uitgeroepen. Luisterend naar een reportage op de radio over de grutto, liet men natuurlijk ook het geluid van de grutto horen. Als je goed luistert kun je vermoeden, dat de grutto is genoemd naar zijn het geluid, dat hij maakt.
De vogel roept als het ware zijn eigen naam, maar dat wist hij natuurlijk nog niet, toen hij het geluid, lang geleden, begon te maken.

Dit geluid bracht mij in gedachten terug naar Egmond-Binnen.
Een zomerhuisje en met de ouders en broer drie weken zand, zee, duinen. Het huisje grensde aan een weiland en na dit weiland begon het duin. Drie duinen verder lag de zee. Elk jaar weer een opwindende kennismaking met wind, zand en het water. Mijn vader leerde me in de Noordzee op mijn rug te drijven, met de blik op de wolken gericht en de tenen net boven het water.
Een vrachtwagen van het expeditie bedrijf, waar mijn vader en enkele ooms werkten, bracht ons elke zomer naar dat zomerhuisje aan de rand van het dorp. Tussen het huisje en de zee was geen enkele bebouwing meer. Alleen een ongerept duinlandschap met wel wat bollenvelden. En een veld vol met worteltjes. Bij dit veld stond een handgeschilderd bord, met daarop de tekst: Gevaarlijk, met vergif bespoten. De tekst maakte indruk, we dorsten geen worteltjes te pikken.
De vrachtwagen werd uitgeladen. De spullen naar het licht muf ruikende zomerhuisje gebracht. En dan, ongeduldig en vol verwachting, het klaphek door en het weiland in. Een klein duin opgelopen en de zeewind voelen en op de lippen het zout weer proeven.

Het geluid van de branding,de zeewind voelen en op de lippen het zout weer proeven
De kievieten scheerden zenuwachtig over mijn hoofd en het geluid in de lucht was dat van de grutto. Een ranke vogel met een lange, licht krommende snavel en een lichtbruin verenkleed. Toen nog niet beseffend, dat ik veertig jaar later dat geluid van die grutto weer zou horen, maar nu op de radio, als een zeldzaam verschijnsel inclusief een gala. Mij zal je daar niet aantreffen, want ik zou niet weten wat ik zou moeten dragen naar zo’n Gruttogala.
Lourens Portasse 2005
LOK #203, 2 december 2005
