Waar was u toen Kennedy werd vermoord

De column van Rene van Walsum

9 maart 2024 Rene van Walsum

Goedemorgen beste luisteraars, mijn naam is René van Walsum en ik heb het genoegen maar bovenal de eer u vanaf vandaag met enige regelmaat een zelf geschreven column te mogen voorlezen op zaterdagochtend. Ik zie het ook wel als een uitdaging om te ervaren of er elke keer weer genoeg stof is voor een stukje van enige omvang. Het zal over van alles gaan en overigens zeker niet altijd betrekking hebben op ons geliefde Krimpen. Soms zal het met een lach zijn en soms wat somberder. Ik ben geen liefhebber van Social Media en het uitventen van alle gebeurtenissen in mijn privé leven maar toch zult u door mijn columns onvermijdelijk wat meer over mij te weten komen.

Vandaag dus de eerste bijdrage met als titel: Waar was u toen Kennedy werd vermoord

Sommige gebeurtenissen staan bij hele generaties in het geheugen gegrift. Meestal betreft dit gebeurtenissen die een diepte indruk maken door hun heftigheid en soms ook invloed op de geschiedenis. Desgevraagd weten degenen aan wie de vraag wordt gesteld nog helder voor de geest te halen waar hij of zij zich bevond op het moment waarop men het nieuws vernam. De mensen die in 1963 de jaren des onderscheids hadden bereikt weten ongetwijfeld het antwoord op de vraag in de titel van dit stukje, waar was u toen Kennedy werd vermoord”. Voor de wat jongere onder ons weet iedereen nog wel waar hij of zij was toen de vliegtuigen het WTC in New York invlogen of toen Pim Fortuyn werd vermoord. Wat betreft Pim Fortuyn, ik zat in de auto op weg naar huis toen ik het nieuws hoorde, belde meteen naar huis en een collega en de rest van de avond ging bijna in een roes aan mij voorbij. En zo zijn er nog vele voorbeelden te verzinnen. Het is soms zelfs een soort tijdverdrijf elkaar vragen te stellen over heftige gebeurtenissen en vervolgens ontspint zich dan een hele uitwisseling van herinneringen. Het hoeft uiteraard niet altijd een gebeurtenis op wereld- of nationaal niveau te betreffen maar kan ook op dorps- of familieschaal zijn.

Ik zelf heb natuurlijk ook meerdere van dergelijke herinneringsmomenten en één ervan deel ik ongetwijfeld met meer Krimpenaren.

In 2001 kwam ik met mijn gezin in Krimpen aan den IJssel wonen. Op zoek naar meer groen, ruimte, rust en de door ons veronderstelde vriendelijkheid van het platteland verlieten wij Rotterdam voor een huis met een fijne tuin in een groene omgeving. Extra bonus was een dichtbijgelegen winkelcentrumpje met daarin een heuse buurtsupermarkt. Wat in Rotterdam onmogelijk was ging hier prima. We konden gewoon de kinderen om een boodschap sturen naar de winkel in de buurt. Hoe leuk was dat. Er kwamen daardoor ook weer herinneringen aan de eigen jeugd naar boven. Apetrots was ik als ik met een briefje dat ik nog niet kon lezen en een portemonnee naar de Co-Op om de hoek van de straat werd gestuurd voor wat boodschappen. Nog mooier werd het als ik brood mocht halen bij Van der Meer & Schoep, twee straten verderop.

Maar goed, ik dwaal af. De buurtsuper werd al ras bekend onder de naam van de eigenaar Speksnijder. En “ga maar even naar Speksnijder” werd een veel gebezigde uitdrukking. Thuisgekomen werden dan de boodschappen trots overhandigd en natuurlijk de munten van het wisselgeld van het meegekregen bankbiljet met daarbij de toevoeging: “kijk eens, en ik heb zelfs nog meer geld terug dan ik van je mee heb gekregen”. Dit hoort allemaal bij het zelfstandiger worden en opgroeien. Uiteraard ging ik als ouder ook wel eens mee boodschappen doen.

Mijn toen vierjarige dochter nam de dingen nog erg letterlijk en als we samen boodschappen deden en langs de vleeswaren afdeling liepen was steevast de vraag: pap, moeten we ook nog iets van het speksnijdertje hebben?

Aan deze mooie idylle kwam op 2 augustus 2002 ruw een eind. Mijn thuiskomst die dag staat mij nog helder voor de geest. Het was prima zomerweer en ik reed aan het einde van de werkdag in opperbeste stemming na mijn werk Krimpen weer in. De volgende ochtend zouden we gezellig op reis gaan voor een vakantie aan het Gardameer waar al weken naar werd uitgekeken. Bij de Stad en Landschap aangekomen echter was alles afgezet met politielint en ik moest omrijden om thuis te kunnen komen. Daar vernam ik het vreselijke nieuws dat de eigenaar van de buurtsuper, Cornelis Speksnijder, was doodschoten bij een overval. In een bedrukte stemming reden we de volgende morgen naar Italië. De moord is nooit opgelost en de moordenaar loopt nog steeds ergens vrij rond wat onverteerbaar moet zijn voor de nabestaanden. Zeer recent kwam de zaak weer in het nieuws. De Peter R. de Vries foundation, vraagt elke week aandacht voor onopgeloste moord- en verdwijningszaken. Zo ook voor deze aak. Men deed een oproep aan een ieder voor tips of informatie. Een oproep die ik hierbij graag wil herhalen. Wellicht heeft de dader toch iets van een geweten en na zo vele jaren ook een keer wroeging over zijn daad. Of heeft het voor een vriend of familielid inmiddels lang genoeg geduurd om iemand de hand boven het hoofd te houden en gaat men misschien toch maar eens praten. Mogelijk ook denkt iemand nog eens na en heeft men toch iets gezien of gehoord waarvan altijd werd gedacht dat het niet belangrijk was maar toch kan zijn. De wonderen zijn hopelijk nog steeds de wereld niet uit.