Bomen planten

De column van Gert Visser

29 maart 2026 Gert Visser

Onlangs las ik een klein boekje dat me niet losliet: De man die bomen plantte van de Franse schrijver Jean Giono (1895–1970). Het boekje is vertaald en van een nawoord voorzien door David Van Reybrouck.

Het korte verhaal gaat over een eenvoudig levende herder (Elzeard Bouffier) in de Provence die, dag na dag, jaar na jaar, eikels verzamelt, sorteert en uiteindelijk plant in een kale, verlaten streek. Niemand kijkt toe, niemand applaudisseert. Hij doet het gewoon. Elke dag opnieuw. Uiteindelijk groeien er na vele jaren bossen met tienduizenden eikenbomen.

Met dit verhaal raakt de schrijver aan iets wat we in onze tijd gemakkelijk vergeten, namelijk dat echte verandering zelden spectaculair is. Echte verandering ontstaat bijna altijd uit stille, volhardende toewijding. Bijna zonder dat we het merken.

De herder plantte zijn bomen niet om gezien te worden. Hij deed het omdat het nodig was. De herder plantte bomen waarvan hij wist dat hij zelf nooit in hun schaduw zou zitten. Hij deed het voor anderen, voor generaties na hem. Voor vogels die hij nooit zou horen zingen. Wat zo raakt is zijn grootmoedigheid.

In onze wereld die draait om aandacht, beeldvorming, algoritmes en het najagen van likes en views, voelt dat bijna vreemd. Werken aan iets waarvan je misschien nooit het resultaat zult zien. En toch gebeurt het. Elke dag, overal om ons heen. Gewoon in het klein.

Zomaar een paar voorbeelden. De buurvrouw die dagelijks langsgaat bij een eenzame oudere. De mantelzorger die iedere dag zorgt en blijft zorgen met aandacht en geduld. De vrijwilliger die wekelijks zwerfafval opruimt zonder dat iemand het merkt.

Honderdduizenden naamloze mensen die gewoon doen wat gedaan moet worden. Het zijn de moderne bomenplanters.

Ze werken zonder podium, zonder zichtbaarheid, zonder meetbare impact in directe cijfers of Power Pointpresentaties. Maar juist zij maken de wereld leefbaarder, zachter en menselijker.

Het verhaal van de herder laat zien dat grootsheid niet zit in grote gebaren, maar in de dagelijkse keuze om iets goeds te doen, ook als niemand kijkt.

Misschien is dat wel de belangrijkste vraag die dit verhaal ons stelt: niet wat je bereikt, maar wat je bijdraagt. Niet wat je oogst, maar wat je plant.

Want de toekomst wordt niet gebouwd door mensen die wachten op erkenning, maar door mensen die blijven doen wat nodig is. Stil, anoniem trouw en zonder garantie op resultaat.

En juist daarin schuilt hoop: dat wat vandaag met aandacht wordt geplant, kan morgen uitgroeien tot iets wat veel groter is dan onszelf.