Spelling

De column van Leo de Oude

5 augustus 2006 Leo de Oude

Spelling

Luisteraars,

let u even op. Ik noem wat jaartallen.

1804 – 1883 – 1934 – 1947 – 1954 – 1995 – 2006. In al deze jaren deed zich hetzelfde verschijnsel voor. Wat is dat?

Weet u het niet? Dan help ik u verder met namen van hoofdrolspelers:

Siegenbeek – Kollewijn - De Vries en Te Winkel – Marchant.

Nu weet u het toch wel. Juist! Spellingwijzigingen. Daar moeten we wel even stil bij staan want jongstleden dinsdag was het weer zo ver. Hebt u de nieuwe spelling van de 900 woorden die gewijzigd zijn al uit het hoofd geleerd? U wilt toch blijven communiceren. Dan is goed kunnen schrijven erg belangrijk.

Maar ja, wat is goed kunnen schrijven? Daar lopen de meningen sterk over uiteen. Elke spellingwijziging zorgt dan ook voor een enthousiaste, soms zelf emotionele, discussie tussen voor- en tegenstanders.

Globaal zijn er twee kampen. Sommigen vinden dat de vernieuwingen niet ver genoeg gaan. Aan de andere kant de mensen die alles willen houden zoals het nu is. Eigenlijk zouden ze nog wel een stapje terug willen doen. Vroeger hadden we toch echt een betere spelling. Met weemoed denken we terug aan hooge boomen en van dat heerlijke vleesch. Maar dat missen we al sinds 1947. Mooi of lelijk, moeilijk of gemakkelijk, als we schrijven moeten we kunnen spellen.

Helaas gaat het er niet om wat u en ik er van vinden. Spelling is een zaak van echt knappe koppen. Die verzinnen regeltjes en uitzonderingen op regels en uitzonderingen op uitzonderingen. Soms, zoals nu, draaien zij weer wat van die regels terug. Zo blijft er werk aan de winkel. Ondertussen blijven wij diep onder de indruk van al het moeilijke werk van de spellingregelaars. Het zijn geleerden, die verzinnen dat de t-klank aan het eind van een werkwoordsvorm nu eens wordt weergegeven door een tee, maar ook wel eens door een dee en zo nu en dan door dee-tee.

Om het allemaal een beetje te kunnen onthouden verzinnen ze er ezelsbruggetjes bij. Een ezelsbruggetje is een bruggetje voor ezels. Wij zijn de ezels. Je moet het langer maken – is zo'n bruggetje. U hoort aan het eind van het paard duidelijk een t-klank. Maar u schrijft achteraan een d – want je moet het langer maken. Dat doe je dan maar. Paarden, dus paard. Voor afwisseling zorgen ze voor wat instinkertjes. U weet inmiddels dat u woorden langer moet maken. Dus twee rozen leveren één rooz op en raven leidt tot één raav. Haha. Fout dus.

Waar kunnen de spellingsbazen het ons nog meer mee moeilijk maken? Ze hebben nu hun intellect losgelaten op verbindingsennetjes. De koekepan of koekenpan en dat soort onbenulligheden. Wel of niet schrijven van een tussen-n is volstrekt niet van belang voor het begrijpen van elkaars teksten.

De Nieuwe Rotterdamse Courant geeft het goede voorbeeld. Die laat het gebruik van de tussen-n aan de schrijver over. Vergeet de regels. Beschaafd anarchisme van een beschaafde krant.

De Nederlandse spelling valt niet te leren. Dat bewijst ieder jaar het Groot Dictee van de Nederlandse Taal.

Maar zou het ook anders kunnen? De creatieve jaren zeventig van de vorige eeuw leverden een voorstel voor een vereenvoudigde spelling op waarin alles veel gemakkelijker zou zijn. Flink wat veranderingen in het woordbeeld. Daar werd de draak mee gestoken. Dat kon echt niet. De initiatiefnemers wilden te veel tegelijk. De revolutie smoorde in de kiem.

En nu zitten we met een spelling, die volgens plan iedere tien jaar wordt bijgesteld. Zo krijg je vanzelf waardering voor het neen van de NRC. Zullen we ook eens het mes zetten in de geheiligde regels van de Nederlandse spellingbonzen? Eén verbetering maar. Over tien jaar verzinnen we wel iets anders.

Ons voorstel: de lange ij en de korte ei. Een volstrekt nutteloos verschil. Op ons toetsenbord zit de zogenaamde y-grec en die kunnen we prima voor alle ij's uit de Nederlandse taal gebruiken. Iedere keer dat we de tweeklank gebruiken sparen we 50% van de tijd en de printerinkt.

Zo'n simpele wijziging went zo. In de kortste tijd zijn we toch ook losgekomen van het guldenteken en schrijven we zonder problemen het eurosymbool. Zo moeilijk is dat niet.

Dus ij en ei schijven we voortaan als y-grec. En die letter heet voortaan gewoon ij.

5 augustus 2006