Afscheid burgemeester Ries Jansen
30 september 2010 Sid B. Dane
Burgemeester Ries Jansen heeft afgelopen woensdag afscheid genomen als burgemeester van Krimpen aan den IJssel. Vele Krimpenaren maar ook (oud-)burgemeesters onder wie Bram Peper van Rotterdam en Joke van Doorne van Capelle aan den IJssel en vele andere (landelijke) bestuurders waren naar sporthal De Boog gekomen om hem gedag te zeggen. Hieronder de afscheidsrede van oud-burgemeester Ries Jansen:
“Elk afscheid is het begin van een herinnering. Vandaag ga ik die herinneringen met u delen aan de hand van mijn laatste praatje met een plaatje. Ik heb weinig afscheid genomen in mijn werkzame leven, maar wel heel veel mooie herinneringen aan een arbeidzaam leven, dat meer dan 48 jaar bestrijkt. Vandaag neem ik met een zachte landing afscheid van het gemeentebestuur van Krimpen aan den IJssel, waar ik 22 jaar met veel plezier heb gewerkt. Ik sluit daarmee , als inmiddels de oudste door de kroon benoemde burgemeester, een periode af van 38 jaar, waarin ik werkte in het openbaar bestuur. Leden van de gemeenteraad, wethouders, medewerkers, familie en vrienden, Kort na mijn geboorte – meer dan 67 jaar geleden – startte zo ongeveer mijn bestuurlijke carrière. Als kleuter moesten mijn zusjes altijd meedoen met zelfbedachte spelletjes, maar behalve een bal en een tol was er , zoals te zien op deze nostalgische foto’s, niet veel speelgoed in die tijd direct na de tweede wereldoorlog. Op de lagere school al organiseerde ik duurlopen rond de Mathenesserweg in Rotterdam en reeds in de 2e klas van de HBS werd ik als jongste lid in de scholierenraad gekozen. Overal in het maatschappelijk verkeer waar ik me bewoog werd ik bijna als van nature bestuurslid of mede organisator. Van de tennisclub tot de muziekvereniging. Regelzucht of nieuwsgierigheid (?) mijn motieven zijn niet zo gemakkelijk meer te achterhalen. De start van mijn politieke carrière echter wel. Ik richtte midden jaren zeventig een actiegroep op in Oud IJsselmonde om verbeteringen te bepleiten in het dorp. Daarna ging de bestuurlijke carrière snel; ik werd lid van D66 , kwam in de Rotterdamse gemeenteraad, werd wethouder in Rotterdam en daarna burgemeester in Krimpen a/d IJssel. Mijn enige standplaats in het ambt, want het dynamische Rijnmond gebied heb ik als geboren en getogen Rotterdammer nooit willen verlaten. Dat hoefde ook niet met een gemeentebestuur in Krimpen aan den IJssel, dat mij alle ruimte heeft gegeven om in de regio en elders actief te zijn. Onder meer als bestuurder bij de Diergaarde, het Rotterdam Philharmonisch Orkest, als landelijk voorzitter van D66, en als lid van de Interdepartementale Projectgroep voor Sociale Vernieuwing met Jan Schaefer. In al die tijd heb ik me ook nog ingezet voor diverse andere groepen en organisaties. Een lange CV, die burgemeesters als vanzelfsprekend en veelal onbezoldigd naast hun hoofdfunctie opdoen. Om de hamvraag over de reden van mijn vertrek maar direct te beantwoorden; er was behalve mijn leeftijd geen enkele reden om dit ambt te verlaten. Voor een niet gekozen ambtsdrager is het beste moment om te vertrekken….het zelf gekozen moment. Langzaam afbouwen is er ook al niet bij, want dingen half doen kan nu eenmaal niet met de verantwoordelijkheden, die je in dit vak hebt. Andere beroepen misschien wel, zoals dit beeld suggereert!Dames en heren, bij een vertrek na zo lange tijd heb je een stok achter de deur om de werkkamer eens goed op te ruimen en ontdek je een ratjetoe aan persoonlijke eigendommen met evenzoveel daaraan verbonden herinneringen. - een compleet archief van 35 -nog papieren- agenda’s met vertrouwelijke informatie…… die u niet van mij te horen krijgt, - een rariteiten kabinet met tientallen vreemde objecten, waarvan de betekenis en bedoeling niet altijd meer te achterhalen is, - vele tientallen bestuurlijke handboeken, die nu ineens overbodig lijken - en vaak daarvoor eigenlijk ook al - door de herhaling van bekende wetenschap - een documentenmap op de computer, die direct na de aankondiging van mijn vertrek een half jaar geleden al veel vluchtiger leek dan het moment waarop ik de inhoud vulde, - adressenlijsten vol soms historische telefoonnummers uit de tijd, dat je nog gewoon met elkaar sprak als je iets wilde weten. Na vandaag is het allemaal geschiedenis, met een schat aan onuitwisbare persoonlijke herinneringen. De weerspiegeling van dingen die voorbij gaan.
Geachte toehoorders,
Over het ambt van burgemeester bestaan de meest uiteenlopende fantasieën. De televisie serie Swiebertje -voor de jongeren onder ons met een zwerver en een burgemeester in de hoofdrol- heeft het ambt veel kwaad gedaan. In de beginjaren was het geen uitzondering overdag bij bezoeken in de gemeente een borrel aangeboden te krijgen, omdat het in deze TV serie gebruikelijk was dat de burgemeester zich door Saartje een klein glaasje liet aanbieden. De ouderen onder ons herinneren zich ongetwijfeld het hilarische optreden van Joop Dooderer in die serie. Slechts het anti alcohol beleid van uw Raad heeft voorkomen, dat ik als alcoholist dit ambt verlaat!
Na vandaag ga ik het niet meer hebben over de kroonjuwelen van D66, ondanks het feit, dat ik in het begin van mijn politieke carrière veel te danken heb gehad aan partijgenoten als Jacob Kohnstam en Jan Terlouw. Laat ik het zo zeggen: je moet een doel hebben om iets te bereiken en een wil om er te komen. En de wil om tot staatsrechtelijke hervormingen te komen, bleek te ontbreken in het krachtenveld van de Nederlandse politiek. In augustus nog kreeg ik een rapport toegezonden van de Raad voor het Openbaar Bestuur, waarin werd bepleit om te stoppen met het zogeheten blauwdruk denken, met als alternatief; en ik citeer; tien ontwerpprincipes en een voorstel voor een procesaanpak. Einde citaat. Een aanpak, die we bij de vorming van de Stadsprovincie Rotterdam, onder leiding van Bram Peper, al jaren geleden succesvol hebben beoefend….. totdat we in de 1e Kamer tegen dogmatische structuurdenkers aanliepen. De geschiedenis herhaalt zich regelmatig in ons land! Het institutionele geheugen laat ons in de publieke sector ook nog wel eens in de steek. Ik ben het overigens met het ROB zeer eens, dat door al ons gepolder het vermogen tot doorzetten in het openbaar bestuur zo langzamerhand is zoekgeraakt. Ik kan later, als mijn geheugen dat toestaat, op het leugenbankje voor de deur van het Raadhuis of onze lokale discussiebijeenkomsten ( in Krimpen het beurzen langs de IJssel geheten ) nog met overtuiging verkondigen, dat ik ben opgegroeid in een bestuurlijk klimaat, waar politieke moed nog werd beloond. Met dank aan mijn leermeesters, waarvan ik er gelukkig enkelen in deze zaal zie.
Veel plezier heb ik beleefd aan de contacten met de Molukse gemeenschap en de vele activiteiten die we gemeenschappelijk hebben ondernomen. Het initiatief tot een geslaagde nationale hulpactie naar aanleiding van de burgeroorlog op de Molukken, de vele afleveringen met de professionele Molukse voetballers in Nederland met het door ons georganiseerde Tunas Muda toernooi in de jaren negentig, tot een opzienbarend waterproject in Ceram en recentelijk nog een Molukse week, in het kader van het 60 jaar onafhankelijkheidsverklaring, met een door Krimpen georganiseerde vruchtbare VNG conferentie. De feestelijke afsluiting heeft op alle deelnemers een grote indruk gemaakt. Letterlijke en figuurlijk zeer warme herinneringen bewaren mijn vrouw en ik aan een bezoek aan de Molukken, met de staf van het waterleidingbedrijf uit Gouda en de Stichting JAJASAN. De heerlijke geur van de Indische maaltijd is door de warme persoonlijke contacten in de gemeenschap voor ons straks niet slechts een herinnering aan het verleden, maar een intrinsiek onderdeel van ons leven. Terimah Kassi.
Het terugkijken kent nog veel meer bestuurlijke hoogtepunten, maar in de wetenschap, dat besturen ook – het soms maken van vervelende- keuzes is, waag ik me verder niet aan een opsomming van gedenkwaardige momenten. In dit vak zorg je er soms ook voor dat iets niet zal gebeuren. Maar over de vervelende dingen die niet gebeurd zijn of die door goed bestuur in preventieve zin zijn voorkomen, bestaan over het algemeen maar kort collectieve herinneringen.
Dames en heren
Het ambt van burgemeester heeft ook wel eens wat weg van trompe-l’oeils. U kent ze wel, die tekeningen die je de illusie geven, dat je iets in perspectief ziet, maar bij nader inzien slechts en plat vlak blijken te zijn. Bij het uitoefenen van mijn functie bleek de waarheid ook vaak platter te zijn, dan de illusie of de verbeelding van de macht. Want uit die tijd ben ik nog; waarin werd gedacht dat we de samenleving konden vormen. Ik zal straks nog een voorbeeld van laten zien van een heel instituut, dat daar speciaal voor was opgericht door het Rotterdamse gemeentebestuur!
Ik ga u een ontboezeming doen. Nu het nog formeel kan!
In besloten kring noemde ik het burgemeesterschap vaak schetsend een “bezigheid”. Na vandaag kan ik ook eindelijk vrijelijk over de karakteristieken van het vak spreken. Een voorproefje voor u, als intimi! De werkelijkheid van het vak van burgemeester is dat;
- mijn handtekening is vervormd tot een krabbel, terwijl ik in het begin erg trots op was, die netjes en voluit op Krimpens briefpapier te mogen zetten
- dat je arbeidsrechtelijk en beroepsmatig nergens onder valt en vooral je eigen boontjes moet doppen. En er pas sinds maart 2010 (!) zoiets als ontslagrecht bestaat voor onze beroepsgroep, met nog het nodige achterstallige onderhoud van niet uitgevoerde adviezen van de commissie Dijkstal.
- dat mijn mooie pakken zijn geruïneerd door de haakjes van deze magische ketting. Overigens niet bij de ijzige intochten van Sint Nicolaas op de IJssel, want dan droeg ik de ketting op de dubbele warme jas en zou ik qua sfeerbeeld een borrel achteraf goed hebben kunnen gebruiken.
- Ik ben geen scherpschutter geworden ondanks alle startschoten, omdat je in dit ambt niet geacht wordt gericht te schieten ( ook al is daar wel eens een verleiding toe! )
- dat ik als oudste kroonbenoemde burgemeesters van Nederland nog een plie (een ezelsoor in gewone mensentaal) in de stukken maak om mijn aantekeningen op te maken voor mijn medewerkers
- en dan nog - even tussendoor - de melding voor de servicedesk, dat ik na het inpakken van mijn spullen nog heb ontdekt, dat de delete knop van mijn computer moet worden vervangen door het vele gebruik bij het verwijderen van overtollige informatie, die via de elektronische snelweg tot je komt. Want ik ben heus wel met mijn tijd meegegaan, ondanks mijn bezwaren tegen de vluchtigheid van de moderne communicatiemiddelen.
Dames en heren,
Het vak van burgemeester is de afgelopen 22 jaar aanzienlijk veranderd. Mede doordat het bestuurlijke domein waarover gemeentebesturen zelfstandig kunnen besluiten aanzienlijk is uitgehold. Bij mijn Nieuwjaarsrede in 2009 heb ik een lange opsomming gegeven van de weggevallen taken. Ik betoogde toen, dat de overheid behoorlijk wat reputatieschade had opgelopen. Ik zal die tekst niet herhalen. Ze staan op onze, volgens het Ministerie, best toegankelijke website van Nederland. Mijn teleurstelling over de onveranderde rol van de burgemeester in het staatsbestel komt voort uit het besef, dat er een kans is gemist om de democratie voor de burger directer te maken. Meer ga ik er vandaag niet over zeggen. Anders dan dat het bestuurlijk boegbeeld van een gemeentebestuur – de burgemeester - een bron van veel misverstand is voor de inwoners. Het is nog een wonder, dat het zo goed gaat met veel collega’s. Maar dat is vooral de verdienste van de beroepsgroep zelf en het Genootschap van Burgemeesters, dat zich sterk maakt voor de ondersteuning, training en scholing. Verder moet je het in het ambt zelf maar uitzoeken, zo heb ik ervaren. Ondanks alle gezelligheid op deze foto’s met Jan Franssen en de helaas te vroeg overleden Schelto Patijn. Het resultaat; de burgemeester is een hoofdrolspeler in het bestuur, met de mooiste bijrol in de politiek.
Het publiek houdt overigens wel van spelers met dramatische bijrollen, zo blijkt uit bevolkingsenquêtes, waarbij de burgemeester altijd de bekendste bestuurder van een gemeente is. Laat ik maar zeggen, dat het in dit vak niet nodig is om verwachtingen te koesteren om te ondernemen, noch te slagen om vol te houden. Zo’n beetje de lijfspreuk van Prins Willem 1, die het ook al niet makkelijk had met de acceptatie van de staatsinrichting van dit land.
Dames en heren,
Mijn arbeidsverleden bestrijkt een periode van een kleine 50 jaar. Het begon bij het meehelpen in het familiebedrijf, waarvan de werkzaamheden niet zo moeilijk te raden zijn met deze historische foto’s. En zo u hier ziet, ook al samen met Yvonne ( want zo lang kennen we elkaar al ) bij de opening van een nieuwe fabriek van mijn ouders waar ik van kinds af aan bij betrokken was. De vormingsactiviteiten, waarover ik zojuist al sprak, bij de Stichting Kunstzinnige Vorming in Rotterdam zijn in veel opzichten niet alleen een waardevolle leerschool voor de jeugd geweest, maar ook voor mij een belangrijke leerschool. Aan het kapsel van de staf medewerkers te zien, overduidelijk eind zestiger jaren! En dan het raads-en wethouderschap in Rotterdam met een schat aan ervaringen, die je in deze omvang en intensiteit nergens anders opdoet dan in het Rotterdamse gemeentebestuur, door het internationale karakter van de stad en de haven. Een waardevolle herinnering aan die jaren tachtig.
En in tussentijd altijd maar van jongs af aan op de meest onmogelijke momenten muziek maken. Het levensritme van Yvonne werd mede bepaald door mijn bezigheden “buitens huis hebbende” . U kent ze wel die advertenties van de vroegere handelsreiziger. Heer BBHH zoekt liefhebbende vrouw of kamer ( of allebei! )ik heb ze allebei gevonden. Yvonne en ik zijn inmiddels 44 jaar getrouwd.
Ik ga Yvonne nu eens – ongetwijfeld tegen haar zin in - publiekelijk bedanken voor haar onvoorwaardelijke steun aan mij in al die jaren dat wij samen zijn. Zij werd al jong schooljuf op een niet al te gemakkelijke volksschool in Rotterdam en ik handelde, zoals gezegd, al op jonge leeftijd in bestuurlijk handwerkjes. Wij beiden hebben vroeger nooit kunnen voorzien, dat mijn bezigheden met al mijn bestuurlijke hobby’s – mede door haar begrip en invoelingsvermogen - na zo’n lange tijd met deze gedenkwaardige dag zou worden bekroond . Veel dank van ons beiden aan al diegenen, die hard aan deze mooie dag hebben gewerkt en mogelijk gemaakt. We voelen ons zeer vereerd. Fijn dat mijnmoeder vandaag aanwezig kan zijn, ondanks/ door haar hoge leeftijd.
Een speciaal plekje in mijn hart heeft ook onze zusterstad Kiskörös in Hongarije gekregen. Direct na de val van de muur en het communisme in Midden Europa werd na een eerste kennismakingsbezoek met – de ook al veel te jong overleden - collega Bela Szenohradszki begin jaren negentig de vriendschapsband gesloten en is daarna ook nooit meer verslapt. Midden jaren negentig heeft collega Ferenc Barkóczi hier in huis een samenwerkingsprotocol voor vijf jaar getekend. Daarna was dat nooit meer nodig, omdat inwoners van deze gemeente ook zelf wel de kontakten levend wisten te houden. Eind augustus nog reisde een delegatie van leerlingen en begeleiders van het Krimpenerwaard College naar collega Laszló Domonyi Hongarije voor een uitwisselingsbezoek. Dit is naar mijn vaste overtuiging zeer belangrijk voor de ontwikkeling van deze jonge mensen, die in een internationaal georiënteerde wereld zullen opgroeien als wereldburgers en hun toekomst steeds vaker tot ver over onze landsgrenzen zullen vinden.
Andersom trouwens ook. Enkele weken geleden nog ontdekte ik bij de viering van het Suikerfeest in Krimpen, dat de kinderen van de grote groep Afghaanse asielzoekers in Krimpen bijvoorbeeld in Londen aan het studeren zijn of inmiddels al afgestudeerd huisarts zijn. In Krimpen aan den IJssel zijn de inwoners bij internationale hulpacties altijd bereid ruimhartig hun hart te laten spreken. Ik geloof in internationale solidariteit en niet alleen omdat ik bereid ben te leren van de gewelddadige geschiedenis van Europa in de laatste honderd jaar.
Dames en heren,
als in dit ambt nooit meer iets tegenvalt , dan wordt het tijd om op te houden…….en dat ga ik dan ook doen na vandaag. Natuurlijk gaan Yvonne en ik veel lieve mensen en mooie momenten missen na mijn vertrek uit het ambt, maar er zitten los van de spreekwoordelijke frisse wind ook positieve kanten aan ons vertrek.
- De weg naar Den Haag wordt een stuk rustiger nu ik niet meer te pas en te onpas naar Den Haag moet voor allerlei verplichtingen
- De pasjes van het Rotterdamse Stadhuis, het hoofdbureau van Politie, de Meldkamer op het WPC, de rampenstaf, Raadhuis van Krimpen en nog veel meer kunnen allemaal uit mijn portefeuille, want de oude portefeuille is door al dat gebruik geheel versleten ( in tegenstelling tot de eigenaar ! )
- Onze lokale evenementen, die we altijd ruimhartig konden organiseren zal ik zeker missen. Zoals in juli nog bij de massale huldiging van Giovanni van Bronckhorst, waarbij de gemeentelijke organisatie in staat was in een paar uur een grootste ontvangst voor Giovanni in de eigen gemeente te regelen.
- Ik zal meer tijd krijg voor de studie op mijn bugel of trompet, een potje tennis en de jeugdzorginstelling STEK of de landelijke plastic inzamelingsorganisatie NEDVANG, waarvoor ik nog actief blijf. Alle kans dus nog voor mij, om in de toekomst alsnog een Plastic Hero te worden.
Ik ga een heleboel mensen bedanken voor hun onvoorwaardelijke steun aan mij in al die jaren, dat ik in het openbaar bestuur actief ben. Een riskante bezigheid, omdat je snel iemand vergeet. (Maar wat zei ik net ook alweer over bestuurlijke moed !?)
- De bodes Joke, Ria, Hilda en Henk Ruis voor hun attente aanwezigheid op de meest onverwachte en ongemakkelijke momenten. Yvonne en ik hebben zeer genoten van jullie attente aandacht en dienstvaardige hulp bij ons werk.
- Fija Zwijnenburg en Francien Offerman; mijn rechter en linker hand op het secretariaat en…soms ook mijn hersens; ofschoon die volgens hun oordeel ondanks mijn hoge leeftijd nog wel zodanig voldoende functioneerden, dat ik nog even door had kunnen gaan. Ik zal jullie dagelijkse aanwezigheid missen.
- De vorige griffier Marianne Verhoev – die recent naar Nigeria verhuisde met haar man en kinderen - en de huidige, Melanie van de Ham, die het voorzitten en voorbereiden van de gemeenteraad wel heel gemakkelijk maakten door hun gedegen voorbereiding en constructieve werkopvatting.
- De directe medewerkers, die mij persoonlijk jarenlang zo loyaal hebben ondersteund; Wilco, Marcel, Marjelein, Ingrid, Leendert, Gerrit en alle Keesen; want daar hebben we er veel van op het Raadhuis en bij de Brandweer.
- De secretarissen Aart Boele en Johan de Pater, wiens leidinggevende capaciteiten een hoop rust en zekerheid geven aan de organisatie en dus aan het bestuur
- Frits v d Heijden en Arie Koolmees, die vanaf mijn binnenkomst 22 jaar geleden ervoor zorgden, dat ik mij direct op mijn gemak voelde. Deze illustratieve foto’s zijn het tastbare bewijs daarvan. Jullie waren de verpersoonlijking van de warme werksfeer, die de Krimpense organisatie zo kenmerkt en vooral moet blijven koesteren in de toekomst. ( En nu ik had mezelf nog zo beloofd geen gemakkelijke boodschappen achter te laten…….)
- De achtereenvolgende Colleges van B&W dank ik voor de ruimte die ze mij gegeven hebben bij het besturen van deze mooie gemeente. We hebben er vaak mooie bezoeken aan overgehouden met B&W en de gemeenteraad. Met als hoogtepunt voor de gehele gemeente; de tewaterlatingen bij de gelukkig weer florerende scheepswerven IHC, Buijs en Zwijnenburg.
- De oud raadsleden, van niet minder dan zeven op een rij door mij voorgezeten gemeenteraden. Hen zal ik mij blijven herinneren als ware volksvertegenwoordigers, die in goede harmonie samenwerkten in het belang van het welzijn van de inwoners van Krimpen aan den IJssel.
- Het onvolprezen wijkteam Krimpen van de Politie ( Martien, Nick, Bas, Marjolein en al die andere enthousiaste beroeps en vrijwillige politiemensen, die in Krimpen actief waren, zeer bedankt voor jullie gemotiveerde inzet );
- De brandweer Krimpen, nu onder aanvoering van Kees van de Berg en voorheen door Rinus Deerenberg. Rinus heeft met zijn mensen in zijn veel te korte leven met onze vrijwilligers een betrouwbare en professionele organisatie weten te bouwen, waarvoor we hen als gemeenschap en brandweerorganisatie dankbaar kunnen zijn.
- De mede bestuurders, staf en medewerkers van talloze organisaties waar ik uit hoofde van mijn functie vertegenwoordiger was in regionale besturen:
- De Stadsregio Rotterdam, VRR, HALT, Bobo, Regionaal College en de Stuurgroep Vrijwillige Politie, het TBK, SOV,VZHG en VNG. Allemaal afkortingen voor organisaties, waar ik mensen heb leren kennen, die met hart voor hun werk belangrijke diensten verrichten voor de publieke zaak.
Van alle medewerkers van de gemeentelijke organisatie van Krimpen aan den IJssel neem ik met pijn in het hart afscheid. We hebben veel lief en leed gedeeld. Hoogte en dieptepunten beleefd. Rare ervaringen opgedaan met gedwongen opnamen van psychoten, waarbij we weleens een persoon zijn kwijtgeraakt in het nachtelijk verkeer. Bijna aanvaringen van losgeslagen zeeschepen met de Algerabrug. De brug, die ook wel eens helemaal niet meer dicht ging na een opening en overigens snel verbreed moet worden. De ervaringen met de altijd dramatische Huisverboden uit de laatste tijd en recent nog de hype met de explosieven, waarvan er toch minder voorhanden waren dan ons werd aangepraat. Grote branden vonden in mijn nu al vervormde herinnering altijd ‘s nachts plaats of in het weekend. Maar daar konden jullie niets aan doen. Uitzondering daarop was de angst voor een overstroming in een koude donkere nacht. Bij nader inzien bleek dit een privé afweging te zijn van de toenmalige directeur openbare Werken en een dijkbewoner, die een geheel eigen stormvloed waarschuwingsdienst had ingericht. Ze lieten uit eigener beweging zandzakken aanrukken en begonnen ’s nachts vloedplanken te plaatsen. De daarna pas gewaarschuwde burgemeesters uit de omgeving begrepen er niets van, zonder de officiële voorwaarschuwing. Maar ik hou wel van eigen initiatief en geloof in preventie activiteiten, dus ik duidde het ze de volgende dag niet euvel. Ondanks de opgeroepen verwarring die dat een nacht lang opleverde bij alle hulpdiensten in de regio! Dank ook voor degenen, die vandaag warme woorden hebben gesproken in mijn richting of aan het adres van Yvonne. Dank ook aan de buren, die zo vaak voor onze trouwe hond Yuri zorgden en ons op allerlei momenten bijstonden als de planning weer eens iets anders liep dan we gedacht hadden. Dank ook aan alle inwoners en vrijwilligers van organisaties in de gemeente, waardoor we gezamenlijk in staat waren indrukwekkende dodenherdenkingen en vele feestelijke evenementen stijlvol en veilig te organiseren. Zoals de herdenking van de watersnoodramp en ook de bevrijdingsfeesten, die we met de Oranjevereniging elke 5 jaar groots vieren. Het hoogtepunt was het groots opgezette Algera jubileum met o.a. Capelle a/d IJssel en het Hoogheemraadschap, waarbij we vierden, dat in 1958 de stuw in gebruik werd genomen. De toenmalige Koningin Juliana kwam het eerste Deltawerk van Nederland vlak voor de in gebruik neming nog bezichtigen, zoals u hier kunt zien. Wat ik u kan vertellen is, dat het voor Krimpenaren het altijd een feest is om over de brug het veilige Krimpen binnen te rijden; zo hoorde ik pas nog een Krimpenaar tegen mij zeggen. We mogen dat als een mooi compliment beschouwen voor het gemeentebestuur. Mooier dan welk bestuurskrachtonderzoek dan ook. Ook al zal ik de positieve uitkomst van dat vernieuwende onderzoek met Linze Schaap van de Universiteit Tilburg en Price Waterhouse Coopers als een mooie herinnering koesteren.
Op vele plekken; in vele organisaties en in vele hoedanigheden heb ik kunnen genieten van de collegialiteit en enthousiasme van mensen, die hadden gekozen om te werken in het openbaar bestuur. Je zou zo graag hun bevlogenheid op anderen willen overbrengen en daarom zeg ik het nog maar een keer tegen jongeren: het is spannend om in het openbaar bestuur te werken en nog leuker om politiek bedrijven; als je tenminste van mensen houdt en verantwoordelijkheid wilt nemen voor onze democratische rechtsstaat. De democratie is een onrustig bezit, zeg ik Bram Peper na. De waarde daarvan moeten we blijven onderhouden en koesteren.
Ik neem vandaag afscheid als een tevreden mens. In de loop der jaren heb ik al diverse blijken van waardering ontvangen in de vorm van onderscheidingen. De prestigieuze Wolfert van Borselen Penning in Rotterdam en natuurlijk de Koninklijke onderscheiding, die ik met mijn dochter Mascha en Yvonne tot verrassing van mij zelf al weer enige tijd geleden in ontvangst mocht nemen. De samenzwering van moeder en dochter was goed geheim gehouden. En dan vandaag……..?
Ik dank u allemaal hartelijk voor uw komst hier naar toe. Het is hartverwarmend om te zien hoe velen met mijn vertrek hebben meegeleefd en dank u ook zeer voor uw bijdragen aan de twee goede doelen, die Yvonne en ik aan u hebben voorgesteld. De lokale stichting voor Vrijwillige Terminale Zorg in Krimpen en Capelle aan den IJssel de VTZ en de landelijke Stichting Hulphond.
Tot slot van mijn laatste officiële toespraak, dank ik Michiel Groeneveld die, zoals altijd met deze power point mijn speech weer zo mooi heeft vormgegeven met veel door Yvonne gemaakte foto’s.
Ik heb mijn werk met veel plezier gedaan en zonder enige dwang tot over de leeftijdsnorm van de heer Donner heen. Ik wilde samen met Yvonne het ambt net zo gezond het vak verlaten, als ik eraan begonnen ben. En dat is gelukt, als u niet al te nauw kijkt!
Ik weet niet nog wat ik het meest zal missen, als ik straks met Yvonne en de hond aan het strand van Ameland of Samos zit. Misschien wel de spanning van het vak of het onverwachte telefoontje, waardoor je agenda in één klap werd omgegooid.
Maar ongetwijfeld de op de lange duur steeds mooier wordende herinnering aan het gevoel, zo nu dan iets geregeld te kunnen hebben voor anderen. Huib Neven heeft die werkhouding, de rode draad genoemd van mijn bestuurlijke carrière in de publicatie, die u – met dank aan het gemeentebestuur voor het initiatief - allemaal als herinnering aan dit afscheid meekrijgt als u deze zaal verlaat.
Leden van de gemeenteraad,
Het voorzitterschap van de gemeentebestuur kan ik vandaag in goed vertrouwen overdragen aan mijn opvolger Lennie Huizer in de wetenschap, dat de leiding in goede handen is. Een geruststellende en tevreden makende gedachte en nu al het begin van een mooie herinnering bij mijn vertrek uit uw midden. We hebben een mooie tijd met elkaar gehad.Ik dank u allen zeer.”
